Vier maanden schorsing voor notaris vanwege trage afwikkeling nalatenschap
Onzorgvuldige afwikkeling nalatenschap
In mei 2015 overleed een man op 72-jarige leeftijd. Eerder was de echtgenote van de man al overleden en zij hadden geen kinderen. De man had in zijn testament opgenomen dat zijn erfenis naar twee goede doelen zou gaan.
De notaris was na het overlijden van de man als executeur verantwoordelijk voor de uitvoering van het testament. Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) verwijt de notaris dat hij de nalatenschap niet zorgvuldig en voortvarend heeft afgewikkeld en onvoldoende regie heeft gevoerd.
Kamer voor het notariaat
Volgens de kamerOnderdeel van een rechterlijk college, zoals een strafkamer, belastingkamer, vreemdelingenkamer of militaire kamer. Zie ook: Enkelvoudige kamer en Meervoudige kamer. heeft de notaris bij de afwikkeling van de nalatenschap van de man niet gehandeld zoals mag worden verwacht. Hij heeft de erfgenamen niet geïnformeerd over het testament en hij heeft deze vrij overzichtelijke nalatenschap bijna tien jaar op zijn beloop gelaten. De notaris heeft nauwelijks iets gedaan om uitvoering te geven aan de laatste wil van de overleden man. De inboedel, auto en woning heeft hij laten verloederen en hij ondernam zelfs geen actie toen hem bekend werd dat de woning was gekraakt.
De kamer voor het notariaat legde de zwaarste tuchtmaatregel op om te voorkomen dat het maatschappelijk vertrouwen in het ambt van notaris wordt geschaad.
Lichtere maatregel
Het gerechtshofGerecht dat zaken in hoger beroep behandelt. Nederland kent vier gerechtshoven. verklaart de klacht ook gegrond, maar legt een lichtere maatregel op om de volgende redenen. De notaris heeft inmiddels de volledige (ook financiële) verantwoordelijkheid genomen voor de afwikkeling van de nalatenschap. De notaris heeft zelfinzicht getoond en zijn les geleerd. Er is geen sprake van herhaling en de notaris handelde niet in zijn eigen belang bij de behandeling van de nalatenschap.
Vervolg
De volgende stap is dat de kamer voor het notariaat 's-Hertogenbosch bepaalt op welke datum de schorsing van vier maanden van kracht wordt.