Vorderingen zorginstellingen afgewezen
Gewijzigde situatie
Omdat de situatie – ten opzichte van het kort gedingProcedure om in een spoedeisende civiele zaak snel een beslissing van de rechtbank te krijgen. Dit is een voorlopige uitspraak. Hierna kunnen de partijen alsnog naar de rechtbank gaan om de zaak voor te leggen (de 'bodemprocedure'). bij de rechtbank – inmiddels is veranderd vorderen de zorgaanbieders in dit hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. andere geboden en verboden. De zorgaanbieders zeggen dat Zorginstituut tegenover hen onrechtmatig handelt of dreigt te handelen. Het Zorginstituut zou op onjuiste wijze uitvoering geven aan zijn wettelijke taak en niet handelen conform het brede wettelijk kader.
Ook die vorderingen worden afgewezen. Het Zorginstituut heeft nog geen definitief standpunt ingenomen. Het voert eerst overleg met een aantal betrokken partijen, waaronder de beroepsgroep.
Mede daarom is op dit moment onvoldoende aannemelijk dat het Zorginstituut handelt in strijd met het wettelijk toetsingskader en dat het onrechtmatig handelt of binnenkort gaat handelen.
Medische onderzoeks- en behandelingsmogelijkheden
Dat de beroepsgroep IMSR al jaren tot het aanvaarde arsenaal van medische onderzoeks- en behandelingsmogelijkheden rekent is op zichzelf niet voldoende voor de conclusie dat IMSR voldoet aan de stand van de wetenschap en praktijk. De wettelijke systematiek werkt zo dat nieuwe inzichten kunnen leiden tot de conclusie dat een al jaren gebruikte en geaccepteerde behandeling toch niet aan de stand van de wetenschap en praktijk voldoet. Uit het rapport van het Zorginstituut volgt verder dat het wel degelijk gewicht heeft toegekend aan de mening van - onder meer - de zorgverleners die deze zorg beschikbaar wensen te houden voor een patiëntengroep met een hoge ziektelast die geen andere behandelopties meer heeft dan IMSR.