Laatst gewijzigd op:

Hof veroordeelt Pegida-voorman voor groepsbelediging, vrijspraak van belediging burgemeester en overtreding noodbevel

Arnhem|
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelt de 58-jarige voorman van Pegida voor groepsbelediging van moslims tot een werkstraf van 20 uur. Het gerechtshof acht niet bewezen dat hij de burgemeester van Arnhem heeft beledigd en het aan hem door de burgemeester opgelegde noodbevel heeft overtreden. Het hof acht wel bewezen dat de man met zijn uitdagende gedrag de oorzaak was van ordeverstoring, maar verklaart dat feit niet strafbaar. De verdachte wordt daarvoor ontslagen van alle rechtsvervolging.

Facebookbericht

VerdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. werd ervan beschuldigd dat hij via het Facebookaccount van Pegida Nederland een voor moslims beledigend bericht had geplaatst of gedeeld. Het hof stelt vast dat meerdere personen toegang hadden tot het account en dat niet kan worden bewezen dat verdachte degene was die het bericht heeft geplaatst. Het hof oordeelt dat de man het bericht wel heeft gedeeld door als beheerder van het Facebookaccount het bericht niet te verwijderen. In het bericht worden moslims in zijn algemeenheid beschuldigd van het plegen van ernstige strafbare feiten. Dit wordt gedaan in een context waarin de Islam vergeleken wordt met het nazisme. Het hof oordeelt dat het bericht beledigend en onnodig grievend is voor moslims en daardoor strafbaar is als groepsbelediging. De grenzen die gesteld mogen worden aan het recht op vrijheid van meningsuiting zijn door verdachte overschreden. Het hof veroordeelt de man hiervoor tot een werkstraf van 20 uur.

Uitlating over burgemeester

Verdachte wordt vrijgesproken van belediging van de burgemeester van Arnhem. Verdachte had in een filmpje op X gezegd: “Marcouch is geen bestuurder, is een echte islamist.” Volgens het hof heeft deze uitlating, mede gelet op de context waarin deze is gedaan, onvoldoende beledigend karakter om strafbaar te zijn. Daarbij weegt mee dat het ging om een uitlating in het kader van het publieke debat over het optreden van de burgemeester en het woord islamist niet op zichzelf staand een strafrechtelijk beledigend karakter heeft.

Noodbevel

Verdachte kreeg in maart 2024 een gebiedsverbod opgelegd voor de gemeente Arnhem op grond van een noodbevel van de burgemeester. Daarbij gold een uitzondering voor het bijwonen van een rechtszitting. Tijdens zijn gang naar de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. voor een kort gedingProcedure om in een spoedeisende civiele zaak snel een beslissing van de rechtbank te krijgen. Dit is een voorlopige uitspraak. Hierna kunnen de partijen alsnog naar de rechtbank gaan om de zaak voor te leggen (de 'bodemprocedure'). over dat gebiedsverbod sleepte verdachte een Koran aan een hondenriem mee over straat en zwaaide deze in het rond. Het hof oordeelt dat verdachte slechts een gebiedsverbod was opgelegd en in Arnhem was om zijn zitting bij te wonen. De manier waarop de verdachte omging met de Koran valt niet onder het noodbevel. Het hof spreekt hem daarom vrij van dit feit.

Wel provocerend gedrag, maar geen strafbaar feit

Het hof acht wel bewezen dat verdachte met zijn uitdagende gedrag de oorzaak was van ordeverstoring. Dit gedrag valt onder het demonstratierecht. Volgens het hof kan de bepaling uit de Algemene Plaatselijke Verordening van Arnhem waarop de vervolging is gebaseerd niet worden gebruikt om het recht op demonstreren te beperken. Dit baseert het hof op recente uitspraken van de Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast.. Daarom is het bewezenverklaarde niet strafbaar en wordt verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging. Voor zijn gedrag was ook geen andere strafrechtelijke bepaling aan verdachte ten laste gelegd.