In hoger beroep zes jaar gevangenisstraf en tbs voor schietpartij in Huissen

Fatale schietpartij
Op 13 augustus 2021 vond in Huissen een schietpartij plaats waarbij een man is gedood en een andere man gewond is geraakt. De schutter heeft vervolgens vanaf het dak van de flat een politieagent met een vuurwapen bedreigd.
Veroordeling door de rechtbank
Op 27 september 2022 veroordeelde de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. Gelderland verdachte tot een gevangenisstraf van achttien jaar en een gedragsbeïnvloedende en/of vrijheidsbeperkende maatregelEen maatregel kan worden opgelegd na het begaan van een strafbaar feit. Er kunnen maatregelen worden opgelegd in plaats van een straf of naast een straf. Voorbeelden zijn: terbeschikkingstelling (tbs), plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, onttrekking van voorwerpen aan het verkeer.. Daartegen zijn de verdachte en het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. (OM) in hoger beroep gegaan. Het OM had terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege (tbs met dwangverpleging) geëist, waarin de rechtbank niet was meegegaan.
Onderzoek naar psychische gesteldheid
In hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. heeft de verdachte wél meegewerkt aan onderzoek door het Pieter Baan Centrum (PBC) naar zijn psychische gesteldheid, wat hij eerder niet wilde. De deskundigen van het PBC hebben geadviseerd om verdachte volledig ontoerekeningsvatbaarHet niet toerekenen van een strafbaar feit aan de dader vanwege zijn psychische toestand. te verklaren omdat hij tijdens de schietpartij aan een psychose leed.
Deels toerekeningsvatbaar
Het hof oordeelt dat verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. de strafbare feiten weliswaar onder invloed van een psychische stoornis heeft gepleegd, waarbij hij geen controle over zijn gedrag had. Maar het hof verwijt hem dat hij niet eerder gestopt is met zijn drugsgebruik waardoor de psychose tijdens de gepleegde feiten voorkomen had kunnen worden. Volgens het hof kan hij daarom deels verantwoordelijk worden gehouden voor zijn daden.
Die verantwoordelijkheid is maar beperkt omdat verdachte op vroege leeftijd is begonnen met het drugsgebruik en de werking ervan hielp hem zich staande te houden. Dit ontwikkelde zich tot een jarenlange verslaving en als gevolg daarvan een achterblijvende persoonlijke ontwikkeling op vele vlakken. Uiteindelijk heeft dit geresulteerd in een persoonlijkheidsstoornis. Daarom kan niet gezegd worden dat verdachte volledig ontoerekeningsvatbaar en dus niet strafbaar is, maar wel dat de bewezenverklaarde feiten verdachte in verminderde mate kunnen worden toegerekend.
Strafoplegging in hoger beroep
Het hof vindt net als de rechtbank dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord., een poging tot doodslag en bedreiging.
Het hof heeft voor de straf gekeken naar het leed dat verdachte heeft veroorzaakt, naar de mate waarin hij verantwoordelijk is voor zijn gedrag en naar wat er nodig is om te voorkomen dat verdachte in de toekomst opnieuw een strafbaar feit pleegt.
Het hof legt een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op omdat de feiten tot op zekere hoogte aan verdachte verweten kunnen worden. Het leed dat verdachte aan de slachtoffers heeft toegebracht, is uitzonderlijk groot. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan ernstige strafbare feiten, waaronder doodslag, één van de zwaarste misdrijven die het Nederlandse strafrecht kent. Daarom en vanwege de impact van dit feit en de andere feiten op de samenleving in het algemeen en de slachtoffers en nabestaanden in het bijzonder, is een langdurige gevangenisstraf in beginsel op zijn plaats. Omdat het hof in sterke mate rekening houdt met de verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte vindt het een gevangenisstraf voor de duur van zes jaar passend en geboden.
Tbs met dwangverpleging
Daarnaast vindt het hof tbs met dwangverpleging noodzakelijk om herhaling te voorkomen en verdachte zonder drugsgebruik te leren omgaan met zijn problemen. Tbs betekent een gedwongen jarenlange behandeling in een gesloten inrichting, waarvan het einde niet is bepaald. De verdachte is het daar trouwens mee eens en verzetBezwaar tegen een uitspraak die is gedaan zonder dat de procespartij daarbij aanwezig was. zich niet tegen behandeling.
Ook moet verdachte de slachtoffers en nabestaanden schadevergoedingen betalen.