Verdachte ook in hoger beroep berecht op grond van het jeugdstrafrecht in zaak rond dodelijke steekpartij

Hoger beroep Openbaar Ministerie
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. was tijdens het plegen van de strafbare feiten in 2023 nog minderjarig. Hoewel de wet de rechter de mogelijkheid biedt om 16- en 17-jarigen in uitzonderingsgevallen als volwassenen te straffen, heeft de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. daar niet voor gekozen. Het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank, omdat hij het niet eens is met het oordeel van de rechtbank om het jeugdstrafrecht toe te passen.
Dodelijke overval bij een jeugdzorginstelling
Op 14 januari 2023 ging de destijds 16-jarige verdachte samen met een ander naar een tankstation, met het plan dit te overvallen. Het tankstation bleek echter al gesloten. Daarop besloten zij om een overval te plegen bij de jeugdzorginstelling waar de 16-jarige verdachte op dat moment woonde. Daar vond een confrontatie plaats met een begeleidster, waarbij zij meermalen met een mes in haar nek is gestoken, met fatale afloop. Het hof is net als de rechtbank van oordeel dat het de 16-jarige verdachte is geweest die de messteken heeft toegebracht. De andere overvaller heeft een minderjarige bewoonster, die op het geweld was afgekomen, in bedwang gehouden en zelf ook nog geweld tegen de begeleidster gepleegd. Net als de rechtbank is het hof van oordeel dat de verdachte samen met een ander schuldig is aan de dodelijk afgelopen overval.
Ook veroordeling voor andere feiten
De verdachte wordt, zowel door de rechtbank als door het hof, ook veroordeeld voor andere strafbare feiten, te weten voor een gewapende overval op een fastfoodrestaurant, het treffen van voorbereidingshandelingen voor een overval op een tankstation, mishandelingen en een bedreiging.
Nieuw onderzoek naar de persoonlijkheid van verdachte
Omdat de verdachte meerdere malen heeft verklaard dat hij deed alsof hij stoornissen had, heeft het hof in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. een nieuw persoonlijkheidsonderzoek laten verrichten door andere gedragsdeskundigen. Dit onderzoek heeft langer geduurd dan gebruikelijk in jeugdzaken, omdat de verdachte eerst maar beperkt heeft meegewerkt.
Toepassing jeugdstrafrecht
Net als de rechtbank komt het hof komt tot het oordeel dat sprake is van zeer ernstige strafbare feiten. De gewelddadige dood van de begeleidster, een nog jonge vrouw van 26 jaar, om het leven gebracht door één van haar eigen cliënten, heeft de nabestaanden onherstelbaar leed toegebracht. Het heeft ook een grote impact gehad op haar collega’s en binnen de jeugdhulpverlening in het algemeen. Ook voor de minderjarige bewoonster is de impact enorm geweest. Zij moest getuige zijn van deze afschuwelijke gebeurtenis terwijl ze door één van de verdachten in bedwang werd gehouden.
Naar aanleiding van het nieuwe onderzoek in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. naar de persoonlijkheid van verdachte, hebben ook deze gedragsdeskundigen stoornissen bij hem vastgesteld en geadviseerd om het jeugdstrafrechtStrafrecht voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd. Bij het jeugdstrafrecht vinden zittingen achter gesloten deuren plaats. De leeftijdsgrenzen kunnen variëren. 16- en 17-jarigen kunnen volgens de regels van het volwassenenstrafrecht worden berecht als de ernst van het delict, hun persoonlijkheid of de omstandigheden waaronder het feit is begaan daar aanleiding voor geeft. Jongeren van 18 tot 23 jaar kunnen op grond van hun persoonlijkheid volgens de regels van het jeugdstrafrecht berecht worden. De rechter bepaalt welk recht van toepassing is. toe te passen. Mede daarom komt het hof – anders dan het Openbaar Ministerie in hoger beroep heeft gevorderd – tot het oordeel dat niet afgeweken moet worden van de hoofdregel dat bij minderjarigen het jeugdstrafrecht moet worden toegepast.
Straf en maatregel
Dit oordeel heeft tot gevolg dat de maximale straf beperkt is tot 24 maanden jeugddetentie. Het hof is zich bewust dat dit oordeel als onbevredigend kan worden ervaren, in het bijzonder voor de nabestaanden. Een ernstig feit als gekwalificeerde doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord. rechtvaardigt in zijn algemeenheid een straf van lange duur. Toch is het voor de maatschappij en voor alle betrokkenen – in het bijzonder deze nog jeugdige verdachte – van belang dat naast straffen in belangrijke mate wordt ingezet op behandeling van de verdachte. Naast de jeugddetentie legt het hof de verdachte een PIJ-maatregel (Plaatsing in een Inrichting voor Jongeren) op, omdat bij hem sprake is van ernstige psychische problematiek en het gevaar op herhaling hoog is. De deskundigen hebben verklaard dat verdachte nog te behandelen is binnen de PIJ-maatregel en dit in het belang is van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van verdachte.
PIJ-maatregel
De PIJ-maatregel (‘jeugd-tbs’) is een behandelmaatregel voor jongeren met psychische problematiek. Wanneer het risico op herhaling bij het verstrijken van de maximale termijn onveranderd hoog is, kan de rechter de maatregelEen maatregel kan worden opgelegd na het begaan van een strafbaar feit. Er kunnen maatregelen worden opgelegd in plaats van een straf of naast een straf. Voorbeelden zijn: terbeschikkingstelling (tbs), plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, onttrekking van voorwerpen aan het verkeer. omzetten in tbs met dwangverpleging.