Den Haag|

Hof wacht beslissing Hoge Raad af in terrorismezaak

Het gerechtshof Den Haag heeft vandaag de strafzaak tegen de (onder meer) van deelneming aan training voor terrorisme verdachte buitenlander Mohammed B. aangehouden tot 6 juni 2016. Dit in afwachting van de uitspraak van de Hoge Raad in een eerdere vergelijkbare zaak.

In die zaak heeft dit hof in januari 2015 de Syriƫganger H. veroordeeld voor training voor terrorisme, zoals strafbaar is gesteld in het nieuwe artikel 134a van het Wetboek van Strafrecht. De Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast. buigt zich momenteel over de uitleg van dit wetsartikel door het hof en zal naar verwachting op 31 mei aanstaande uitspraak doen.

De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. B., die illegaal in Nederland verblijft, bevindt zich momenteel in uitleveringsdetentie.