Hogere straffen voor veroorzaken dodelijk verkeersongeval in Katwijk
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. reed in een auto op de Melkweg en had voorrang moeten verlenen aan het slachtoffer, een 58-jarige man die op de fiets de Melkweg overstak. Het slachtoffer is ter plaatse overleden, nadat de verdachte hem had aangereden. De verdachte heeft verklaard dat zij het slachtoffer niet heeft gezien. Het hof stelt vast dat het slachtoffer meerdere momenten zichtbaar moet zijn geweest voor de verdachte, zowel toen zij de kruising naderde als toen zij de kruising op reed. Dat de verdachte hem niet heeft gezien, betekent dus dat zij meerdere momenten niet goed heeft opgelet. Dit terwijl de verkeerssituatie ter plaatse juist vroeg om extra oplettendheid van de verdachte. Met verkeersborden en andere verkeerstekens is aangegeven dat fietsers van twee kanten voorrang hebben. De verdachte was bovendien met de verkeerssituatie bekend. Toch heeft zij haar snelheid niet geminderd toen zij de kruising naderde.
Het hof merkt het rijgedrag van de verdachte aan als ‘aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend’. Daarmee maakt het hof de verdachte een ernstiger verwijt dan de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt., omdat het hof uitgaat van meer dan een enkel moment van onoplettendheid. Daarom legt het hof hogere straffen aan de verdachte op dan de rechtbank. Bij de strafoplegging weegt ook het grote en onherstelbare leed mee dat de nabestaanden van het slachtoffer is aangedaan. De rechtbank sprak de verdachte vrij van dood door schuld in het verkeer en veroordeelde de verdachte alleen voor gevaarlijk rijgedrag.
Het hof veroordeelt de verdachte tot een taakstrafWerkstraf van 240 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van 2 jaar, met een proeftijdDe rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van 2 jaar. Omdat de verdachte van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen al een jaar niet heeft mogen rijden en zij daarna opnieuw haar theorie- en praktijkexamen heeft moeten halen, legt het hof nu geen onvoorwaardelijke rijontzegging aan haar op.