Den Haag|

Straf opgelegd voor pogingen verleiden minderjarigen

Een man is vandaag door het gerechtshof Den Haag veroordeeld voor pogingen tot het verleiden van 3 minderjarige meisjes in de leeftijd tussen de 14 en 16 jaar tot seksuele handelingen. De verdachte deed dit door middel van chat- en WhatsApp-berichten, het geven van geld en andere giften. Verder maakte de verdachte zich schuldig aan het meermalen opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne. Het gerechtshof heeft hem een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden in combinatie met een onvoorwaardelijke taakstraf voor de duur van 240 uren opgelegd.

De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. was op het moment dat hij de minderjarige meisjes probeerde te verleiden zelf tussen de 31 en 33 jaar oud. Hij maakte gebruik van het leeftijdsverschil, zijn positie en status als Europarlementariër en zijn riante inkomen.

Gelet op de ernst van de bewezen verklaarde feiten is in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op zijn plaats. Het gerechtshofGerecht dat zaken in hoger beroep behandelt. Nederland kent vier gerechtshoven. heeft met het opleggen van de straf echter rekening gehouden met het feit dat de verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is. Ook heeft het gerechtshof meegewogen dat de verdachte op eigen initiatief al een aantal jaren in behandeling is bij de GGZ en gemotiveerd lijkt om die behandeling voort te zetten.