Den Haag|

Geen onnodig tijdverlies meer bij strafzaken

Alle arrondissementen kennen sinds kort een logistiek centrum waarin wordt gecontroleerd of een strafdossier in administratief opzicht - dus niet inhoudelijk -  gereed is voor de terechtzitting. Dit gebeurt door administratief personeel van Rechtspraak en Openbaar Ministerie (OM) gezamenlijk.

Rechter, officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. en advocaat verliezen zo geen tijd meer aan onnodig aangehouden zaken en kunnen zich volledig op de inhoud richten. De verdachte en het slachtoffer hoeven zo niet langer te wachten dan nodig is. Het roosteren van rechters, griffiers en officieren van justitie vindt ook plaats in het centrum, door Rechtspraak en OM intern aangeduid als ‘Verkeerstoren++’. Vervolgens worden de zaken in overleg met de rechter op de terechtzitting gepland.

Commitment

‘Dergelijke centra zijn een oud idee’, zegt Wilma Groos, projectleider van de kant van de Rechtspraak. Paul van de Beek is haar collega namens het OM. ‘Maar doordat er nu tot op het hoogste bestuursniveau van beide organisaties commitment is, zijn de Verkeerstorens++ overal echt van de grond gekomen.’

De handen ineen

Paul van de Beek licht toe dat de logistieke centra een uitvloeisel zijn van de Taskforce OM-ZM. Deze taskforce werd opgericht toen, mede als gevolg van de herzieningBuitengewoon rechtsmiddel tegen onherroepelijke veroordelingen in strafzaken. Kan bij de Hoge Raad worden aangevraagd wanneer zich een nieuw gegeven (zgn. novum) zich heeft geopenbaard, dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was. van de gerechtelijke kaart per 1 januari 2013, er veel klachten waren over de strafdossiers. Deze waren niet compleet, kwalitatief niet in orde of om andere redenen nog niet klaar om op zitting te komen. Maar dat gebeurde wél, met veel frustratie en tijdverlies tot gevolg.

Een jaar eerder al constateerde de Algemene Rekenkamer dat de prestaties in de strafrechtketen verre van optimaal waren. Van de Beek: ‘Deze 2 dingen samen waren het signaal: dit kan zo niet langer, OM en Rechtspraak moeten de handen ineen slaan. Er waren te veel onnodige aanhoudingen, over en weer werd met de beschuldigende vinger gewezen, medewerkers waren gefrustreerd, er werd gedacht in wij en zij, er was veel capaciteitsverlies.’

Alle arrondissementen

Met de ophanden zijnde inrichting van de Verkeerstoren++ in Noord-Nederland, kennen binnenkort alle arrondissementen een gezamenlijk logistiek centrum, gelijkelijk bemenst door medewerkers van OM en ZM. Hier wordt gecontroleerd of een strafdossier in technisch opzicht klaar is om op zitting te komen. ‘Dit is echt uitsluitend een administratieve check: zitten alle documenten en rapporten in het dossier, staan de juiste handtekeningen erop, is al het aanvullende onderzoek binnen, et cetera’, zegt Van de Beek.

Inhoudelijk verandert er niets; de officier van justitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht. is verantwoordelijk voor opsporing en vervolging en de inhoud van het aan de rechter aangeboden dossier; de rechter doet aan waarheidsvinding, beoordeelt, weegt en beslist. Groos: ‘In de centra zitten géén rechters en géén officieren van justitie, de medewerkers daar blijven weg bij de inhoud. De check op de juistheid van de dagvaardingOproep om voor de rechter te verschijnen. is dan ook belegd bij de officier van justitie.’

Logistieke planning

Een tweede belangrijke taak van de centra is de logistieke planning van de rechtszaak. Er wordt door Rechtspraak en OM nu gebouwd aan een gezamenlijk systeem voor roosteren en planning, zodat steeds de voor een goed verloop van de zaak op zitting aanwezige personen (verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld., advocaat, slachtoffer, getuige, ook echt aanwezig (kunnen) zijn.  Als toch moet worden aangehouden, blijven de rechter en de officier van justitie betrokken bij de zaak en doen deze ook de volgende zitting(en) verder af. Reden is dat verdachte en slachtoffer niet elke keer na aanhouding nieuwe rechters en officieren zien. Ook voor rechters en officieren is dat prettig en er wordt efficiënt omgegaan met capaciteit. Belangrijk punt is ook dat deelnemers aan het strafproces 1 aanspreekpunt hebben. 

Advocatuur

Om ervoor te zorgen dat de op- en inrichting van de logistieke centra aansluit bij de praktijk en geen zaken over het hoofd worden gezien, is er een klankbordgroep. In deze klankbordgroep zitten ook 2 advocaten, onder wie Trix Maandag van het Rotterdamse kantoor Rischen & Nijhuis. Zij is lid van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA), maakt deel uit van de Werkgroep Strafrecht Rotterdam en is lid van de Raad van Toezicht van de Rotterdamse Orde van Advocaten. Zij zegt: ‘Mijn ervaringen zijn positief. Het plannen van zittingen gaat efficiënter. Groot voordeel is dat er 1 aanspreekpunt is. In het verleden was het soms zo dat je voor een voldongen feit werd geplaatst: de zitting is dan en dan en als je niet kunt regel je maar een kantoorgenoot. Er wordt nu altijd overlegd.’ 

Enthousiasme

‘Om al over concrete resultaten te praten is het nog te vroeg’, zegt Wilma Groos. ‘In het ene arrondissementRechtsgebied. Nederland is verdeeld in elf arrondissementen. zijn ze verder dan in het andere. Het doel is helder: het aantal vermijdbare aanhoudingen terugdringen, alles in 1 keer goed op zitting krijgen en kunnen afhandelen en meer tijd voor kwaliteit.’ Groos: ‘Zo ver als nu zijn we nog nooit gekomen. Het gevoel van noodzaak en het enthousiasme zijn ook nog nooit eerder zo groot geweest. De voortekenen zijn dus goed.’