Den Haag|

Rechtspraak ontraadt indiening wetsvoorstel over meerouderschap

De Raad voor de rechtspraak ontraadt de indiening van het initiatief-wetsvoorstel Meerouderschap, dat het mogelijk maakt om vier volwassenen te erkennen als ouders van een kind.

Een wettelijke regeling zou obstakels kunnen wegnemen die zich voordoen als meer dan twee mensen samen een kind grootbrengen, maar meer ouders betekent ook meer risico op onderlinge conflicten. Het wetsvoorstel regelt nauwelijks hoe die beslecht moeten worden en laat ook andere juridische implicaties onbesproken. De Raad voor de rechtspraak voorziet dat veel op het bordje van de rechter terechtkomt. Dat staat in een advies  over het wetsvoorstel.

Meerouderschap

In meeroudergezinnen hebben kinderen meer dan twee ouders. Denk aan homoseksuele stellen die samen met iemand van het andere geslacht een kind krijgen en opvoeden. Dat kan problemen opleveren omdat een kind op grond van de wet niet meer dan twee ouders kan hebben. Andere verzorgers hebben geen zeggenschap, op school bijvoorbeeld of in het ziekenhuis, en kunnen ook niet zomaar met het kind naar het buitenland. Het wetsvoorstel is opgesteld om dat te veranderen. Als het wordt ingevoerd, kunnen kinderen voortaan maximaal vier juridische ouders hebben, verdeeld over niet meer dan twee huishoudens. De beoogde ouders kunnen vóór de zwangerschap een overeenkomst opstellen en de rechter vragen die te bekrachtigen. 

Praktische uitvoering

De Raad voor de rechtspraak begrijpt de behoefte van deze ouders om de familieband een juridisch basis te geven. Maar het wetsvoorstel besteedt weinig aandacht aan de praktische uitvoering. Hoe nemen de ouders belangrijke beslissingen over het kind en hoe worden geschillen opgelost? Hoe verdelen zij bijvoorbeeld de kosten van het levensonderhoud en wat gebeurt er als een van de ouders minder te besteden krijgt? Wat zijn de gevolgen als ouderparen gaan scheiden, groeit het kind dan op drie of vier verschillende adressen op? En wat wordt de positie van een eventuele nieuwe partner?  
Het beheersbaar houden van complexe scheidingen vraagt de laatste jaren forse inspanningen van de Rechtspraak. Als daar vier ouders met verschillende visies bij betrokken zijn, wordt dat nog moeilijker.

Belang van het kind

Bij een beslissing van de rechter moet het belang van het kind centraal staan. Maar het is moeilijk te beoordelen wat goed is voor een kind dat nog niet is geboren. En als een kind later ongelukkig blijkt te zijn met de situatie, mag het in dit wetsvoorstel tot 21 jaar de rechter verzoeken het meeroudercontract te ontbinden, daarna niet meer. In de praktijk zijn veel kinderen dan nog afhankelijk van hun ouders en kunnen ze zo’n ingrijpend besluit moeilijk nemen, stelt de Raad.

Rechtsgelijkheid en rechtszekerheid

In het wetsvoorstel is geen overgangsrecht opgenomen voor bestaande meeroudergezinnen. Ook samengestelde gezinnen komen niet in aanmerking voor de regeling. Het is denkbaar dat zij om dezelfde juridische status zullen vragen. 
Invoering van de wet zal ook negatieve gevolgen hebben voor de rechtszekerheid. Doordat veel niet is uitgewerkt, ook als het gaat om de samenloop met andere wet- en regelgeving, moet de rechter veel zelf invullen. Het gaat de rechtsvormende taak van de rechter te buiten om zelf tot criteria te komen waaraan beslissingen over meerouderschap getoetst moeten worden, stelt het wetgevingsadvies. Gezien de ernstige bezwaren adviseert de Raad om dit wetsvoorstel niet in te dienen.

Lees het volledige wetgevingsadvies- U verlaat Rechtspraak.nl