Den Haag|

15 jaar cel voor doden van zakenpartner

De rechtbank in Den Haag heeft vandaag een 59-jarige man veroordeeld tot 15 jaar gevangenisstraf voor het doden van zijn zakenpartner, met wie hij 30 jaar heeft samengewerkt en bevriend was. De verdachte heeft het slachtoffer terwijl hij nietsvermoedend met een kop koffie in zijn hand de trap opliep, gewurgd en met een bijl de hersens ingeslagen.

Voldoende bewijs

De man heeft ontkend, maar er is voldoende bewijsEen document of stuk dat een standpunt ondersteunt. dat hij het slachtoffer om het leven heeft gebracht. Zo was hij op het moment van overlijden aanwezig op het kantoor en is op zijn kleding een bloedspattenpatroon aangetroffen dat past bij het uitoefenen van geweld in vloeibaar bloed. Ook heeft hij geen goede verklaring kunnen geven voor het bloed, zenuw- en spierweefsel van het slachtoffer dat op zijn kleding is aangetroffen.

Geen moord, wel doodslag

De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is het met de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. eens dat er onvoldoende bewijs is voor moord. Er kan niet met voldoende zekerheid worden vastgesteld wanneer de verdachte heeft besloten om het slachtoffer te doden en of hij tussen dat moment en het moment waarop hij het dodelijk letsel heeft toegebracht enige tijd heeft kunnen nadenken. Verdachte wordt hier dan ook voor vrijgesproken. Wel is doodslag bewezen.

Vrijspraak van verduistering

De rechtbank spreekt verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. vrij van de verduistering van € 5.000,-. Voor verduistering is vereist dat de dader rechtmatig over het geld kon beschikken en dat hij zich dit vervolgens wederrechtelijkIn strijd met het recht. heeft toegeëigend. Er is echter reden te veronderstellen dat de verdachte het geld gestolen heeft. Dan kan niet over verduistering gesproken worden.