Den Haag|

Negen jaar cel voor moord op huisgenoot

De rechtbank Den Haag heeft een 40-jarige vrouw uit Bodegraven veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen jaar voor de moord op haar 40-jarige huisgenoot. De vrouw heeft de man op 24 februari 2020 met meerdere messteken om het leven gebracht in hun woning in Bodegraven. Volgens de rechtbank is er sprake van voorbedachte raad, omdat de vrouw zich heeft beraden op haar voornemen om de man te doden en dat voornemen ook op een planmatige manier heeft uitgevoerd. 

Hoogte van de straf

De straf is gelijk aan de eisStrafrecht: Straf die de verdachte volgens de officier van justitie zou moeten krijgen. Civiel recht: wat iemand in een rechtszaak eist van de tegenpartij. van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is.. Bij de hoogte van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het feit. Het nietsvermoedende slachtoffer is in zijn slaap door de vrouw verrast. Zij heeft hem meerdere keren met twee messen gestoken en hem daarna aan zijn lot overgelaten.

Tbs met dwangverpleging

Naast de celstraf krijgt de vrouw ook de maatregelEen maatregel kan worden opgelegd na het begaan van een strafbaar feit. Er kunnen maatregelen worden opgelegd in plaats van een straf of naast een straf. Voorbeelden zijn: terbeschikkingstelling (tbs), plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, onttrekking van voorwerpen aan het verkeer. van terbeschikkingstelling met dwangverpleging opgelegd. Deskundigen van het Pieter Baan Centrum hebben een stoornis bij haar vastgesteld. De rechtbank heeft haar het feit daarom in verminderde mate toegerekend. De vrouw moet vanwege gevaar voor herhaling worden behandeld in een forensische kliniek.

​​Schadevergoeding

Het handelen van de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft voor de nabestaanden onherstelbaar verdriet veroorzaakt, in het bijzonder voor de ouders van het slachtoffer die hun kind hebben moeten begraven. De ouders en de zus van de man kampen tot op de dag van vandaag met gevoelens van leegte, wanhoop en ongeloof. De vrouw moet aan de ouders van de man een schadevergoeding van € 35.000 betalen.