Den Haag|

Gevangenisstraf voor roepen strafbare leuzen

Een 36-jarige man uit Den Haag is veroordeeld tot 2 weken gevangenisstraf voor het roepen van verschillende strafbare leuzen. De verdachte was een van de sprekers tijdens een demonstratie op de Hoefkade in Den Haag op 24 juli 2014.

Bewezen

De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. acht bewezen dat de man met zijn uitspraken aanzette tot haat en geweld tegen de Joodse bevolkingsgroep. Van aanzetten tot discriminatie is volgens de rechtbank geen sprake. De man riep niet op tot een bepaald handelen dat als resultaat zou hebben dat de Joodse bevolking rechten werd ontzegd.

Bij verstek veroordeeld

De zaak heeft veel vertraging opgelopen omdat het OM in 2016 eerst niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. werd verklaard omdat verdachte zou zijn overleden. In het hoger beroep in 2017 werd besloten dat vervolging toch door kon gaan omdat niet met voldoende zekerheid te zeggen is dat verdachte niet meer in leven is. De man was niet aanwezig bij de behandeling van de zaak en hij is bij verstek veroordeeld.