Nederlandse Staat handelde niet onrechtmatig ten aanzien van Van Laarhoven
Tijdens de detentie van Van Laarhoven en zijn ex-echtgenote, heeft de broer van Van Laarhoven gezorgd voor hun dochter. Omdat de Nederlandse Staat niet onrechtmatig heeft gehandeld ten aanzien van Johan van Laarhoven en zijn ex-echtgenoot, is de Nederlandse Staat niet aansprakelijk voor de kosten van de opvoeding van de dochter.

De feiten
Van Laarhoven emigreerde in 2008 naar Thailand waar hij is getrouwd met een vrouw. In 2011 startte het Nederlandse Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. (OM) een onderzoek waarin onder andere Van Laarhoven als verdachte werd aangemerkt. Hij zou de Opiumwet hebben overtreden, deel hebben genomen aan een criminele organisatie en geld hebben witgewassen waarbij vermogen van Nederland naar Thailand zou zijn weggesluisd. In 2014 heeft het OM rechtshulp gevraagd aan Thailand om beslag te laten leggen op zijn vermogen in Thailand en daar nader strafrechtelijk onderzoek naar te kunnen laten uitvoeren. Zo werd onder meer verzocht een telefoontap te plaatsen en een woning en kantoor te doorzoeken
Om de uitvoering van dat verzoek tijdig te laten plaatsvinden, heeft het OM op aanwijzing1. Voorschrift hoe het Openbaar Ministerie zijn taak moet vervullen. Er is bijvoorbeeld een aanwijzing over de rol van een officier van justitie bij risicowedstrijden in het betaald voetbal. 2. Officieel bevel van de minister van Justitie aan het Openbaar Ministerie om een zaak op een bepaalde manier af te handelen. van de Thaise autoriteiten een brief gestuurd waarin de Thaise politie is gevraagd een eigen onderzoek te starten naar Van Laarhoven. Vervolgens zijn hij en zijn toenmalige echtgenote in 2014 aangehouden in Thailand en zijn ze veroordeeld. Van Laarhoven kreeg in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. een celstraf opgelegd van 68 jaar en 8 maanden en zijn toenmalige echtgenote een celstraf van 12 jaar. Deze straffen zijn in juni 2019 onherroepelijkNiet te herroepen, niet te veranderen. Een uitspraak is onherroepelijk als de rechtzoekende geen beroep of cassatie meer kan instellen, bijvoorbeeld omdat de termijn waarbinnen men beroep moet instellen verlopen is. De zaak is dan helemaal afgedaan. geworden. Beiden hebben jarenlang in Thailand gedetineerd gezeten onder mensonterende omstandigheden, met zeer negatieve (psychische) gevolgen voor henzelf en hun familie. In januari 2020 is Van Laarhoven naar Nederland overgebracht en in september 2020 kwam hij op vrije voeten. Zijn toenmalige echtgenote zat tot juli 2020 in een vrouwengevangenis in Bangkok.
Deze zaak
Van Laarhoven en zijn ex-echtgenote vinden dat de Nederlandse Staat onrechtmatig tegenover hen heeft gehandeld en dat ze daardoor onder erbarmelijke omstandigheden hebben vastgezeten. Ook zou de Staat onvoldoende gedaan hebben om Van Laarhoven naar Nederland uitgeleverd te krijgen. Zij vinden dat de Staat een hoge schadevergoeding zou moeten betalen. De broer van Van Laarhoven vordert een vergoeding van de kosten die hij heeft gemaakt om de dochter van Van Laarhoven en zijn echtgenote op te voeden.
Oordeel rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt.
In deze zaak moet de rechtbank beoordelen of het versturen van de brief door het OM onrechtmatig is. De rechtbank wordt daarbij voor een dilemma geplaatst. Enerzijds is het uiteraard problematisch dat een verzoek tot rechtshulp de mogelijkheid schept dat een verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. in het buitenland een mensonwaardige behandeling krijgt die in strijd is met fundamentele (mensen)rechten, wat ook is gebeurd. Anderzijds zou het niet zo mogen zijn dat verdachten die emigreren naar een land met een uiterst slechte reputatie op het gebied van mensenrechten, feitelijk emigreren naar een vrijhaven omdat vanwege die reputatie zou moeten worden afgezien van opsporing en vervolging.
De rechtbank oordeelt in deze zaak dat het rechtshulpverzoek niet onrechtmatig was. De vorderingen van Van Laarhoven, zijn ex-echtgenote en de broer van Van Laarhoven worden dan ook afgewezen. Bij dit oordeel weegt de rechtbank mee dat de feiten waarvan Van Laarhoven werd verdacht, niet alleen gingen over het overschrijden van de gedoogde voorraad softdrugs voor zijn coffeeshops, maar ook op meer en ernstiger strafbare feiten: belastingfraude, witwassen met een internationale dimensie en meer overtredingen van de Opiumwet. Gelet op het algemene maatschappelijke belang om tot bestraffing te komen, hoefde de Staat niet te aanvaarden dat zijn vertrek naar Thailand feitelijk een vrijhaven zou creëren. Met dat laatste is overigens niet gezegd dat Van Laarhoven met zijn emigratie naar Thailand een dergelijke vrijhaven heeft gezocht.