Den Haag|

12 jaar gevangenisstraf voor dodelijk steekincident op Schoutendreef

De rechtbank in Den Haag heeft vandaag uitspraak gedaan in de zaak van een 25-jarige verdachte van een dodelijk steekincident. Op 5 september 2020 kwam het 38-jarige slachtoffer Arturs Bardins door een messteek in de buik om het leven. Dat gebeurde in een portiek van een flat aan de Schoutendreef in Den Haag, waar het slachtoffer woonde.

Mes met bloedspoor

De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. acht bewezen dat de verdachte vanuit zijn woning lopend en met het openbaar vervoer naar de woning van het slachtoffer is gegaan. Dit bleek onder meer uit locatiegegevens uit zijn telefoon en camerabeelden langs de afgelegde route. Twee getuigen hebben een man in het portiek van de woning aan de Schoutendreef gezien. Eén van hen heeft verklaard dat deze man een mes in zijn handen had en leek op de man die op 5 april 2020 met een steen in zijn hand voor het portiek stond. De verdachte heeft verklaard dat hij degene is geweest die op 5 april 2020 met een steen in de hand voor het portiek van de woning aan de Schoutendreef heeft gestaan.

Nadat de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. het slachtoffer had gestoken, is hij weer terug naar huis gegaan. Een week later is bij de verdachte op straat een mes aangetroffen met op de punt een bloedspoor met DNA van het slachtoffer.

Moord niet bewezen

De officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. heeft een gevangenisstraf van 20 jaar geëist wegens moord. De rechtbank acht moord niet bewezen, omdat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte een vooropgezet plan had om het slachtoffer die dag van het leven te beroven.

Doodslag

De verdachte heeft een zwijgende houding aangenomen, zodat niet duidelijk is wat hem heeft bewogen. Ook heeft hij niet meegewerkt aan onderzoeken naar zijn persoonlijkheid. De rechtbank acht de verdachte volledig toerekeningsvatbaar en veroordeelt hem wegens doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord. tot een gevangenisstraf van 12 jaar.

De zus van het slachtoffer is niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. verklaard in haar vordering tot schadevergoeding.