Universiteit Leiden heeft in sollicitatieprocedure onrechtmatig gehandeld
Achtergrond
Een lid van de beoordelingscommissie bracht zelfstandig vier academici op de hoogte van de sollicitatie en vroeg om een vertrouwelijke referentie zonder de sollicitant én de benoemingsadviescommissie daarin te kennen. Deze personen waren niet als referent opgegeven. De verkregen informatie is tijdens de procedure niet met de sollicitant gedeeld. Ook is de kandidaat niet verteld hoe het lid van de beoordelingsadviescommissie nader onderzoek naar hem had verricht. De sollicitant kreeg toen, en ook in later stadium, geen mogelijkheid op de buiten hem om verkregen informatie te reageren. Dat handelen acht de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. onzorgvuldig waarmee de universiteit de NVP-sollicitatiecode met voeten heeft getreden. Toen het college van bestuur op de hoogte kwam van de ongeregeldheden heeft zij de benoemingsadviescommissie ontbonden, een geheel nieuwe commissie samengesteld en de sollicitant ten minste tweemaal uitgenodigd opnieuw te solliciteren. De sollicitant, eiser in deze zaak, heeft er zelf voor gekozen dat niet te doen.
Schade
De rechtbank vindt het aannemelijk dat door dit handelen schade is veroorzaakt bij de sollicitant. In ieder geval valt te denken aan de schade die eiserDegene die een civiele dagvaardingsprocedure of een bestuursrechtelijke procedure begint. heeft geleden om boven water te krijgen dat, en op welke wijze Universiteit Leiden onzorgvuldig heeft gehandeld tegenover hem. De rechtbank veroordeelt de universiteit dan ook om de schade te vergoeden die eiser als gevolg van het onrechtmatig handelen heeft geleden.
Reputatieschade
Volgens de rechtbank zijn er onvoldoende aanknopingspunten om te stellen dat Universiteit Leiden door haar handelen de reputatie van eiser heeft beschadigd of niet heeft geprobeerd de schade te beperken. Eiser koos er zelf voor om een persbericht te verspreiden en interviews te geven over zijn sollicitatie-ervaring. Universiteit Leiden heeft er daarentegen bewust voor gekozen om zo weinig mogelijk ruchtbaarheid te geven aan de gang van zaken. Voor zover moet worden aangenomen dat de gang van zaken rondom en tijdens de sollicitatieprocedure van betekenis is (geweest) voor de reputatie van eiser, komen de gevolgen daarvan voor zijn rekening.
Geen persoonlijke aansprakelijkheid
De sollicitant heeft in deze procedure tevens het commissielid dat navraag had gedaan, de voorzitter van de benoemingsadviescommissie en de rector magnificus en voorzitter van het college van bestuur persoonlijk aansprakelijk gesteld. Die vorderingen zijn afgewezen. Het handelen is toe te rekenen aan Universiteit Leiden en deze personen hebben tegenover de sollicitant geen persoonlijk in acht te nemen zorgvuldigheidsnorm geschonden. Ook voor andere verwijten van de sollicitant bestaat geen grond.