Zutphen|

30 maanden cel voor brandstichting woonhuis in Vaassen

De rechtbank veroordeelt een 27-jarige man zonder vaste woon -of verblijfsplaats voor een brandstichting in Vaassen. Hij krijgt een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk.

De man stichtte in de nacht van 21 op 22 april 2023 2 keer opzettelijk brand bij een woning in Vaassen. In deze woning bevond zich een gezin, waarvan in ieder geval de moeder in bed lag. De woning betreft een rijtjeshuis en de aangrenzende buren waren thuis op beide momenten dat de man zogenoemde molotovcocktails tegen de woning gooide. De gevolgen van dit alles bleven door blusacties - en wellicht door de regen relatief beperkt, maar hadden vele malen groter kunnen zijn.

Eigen rechter

Op de zitting verklaarde de man dat hij naar aanleiding van een ruzie met 1 of meer bewoners van de woning voor eigen rechter ging spelen. De man nam met deze wraakactie hele grote risico's en zette tot 2 keer toe het leven van meerdere mensen op het spel. Dit rekent de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. de man zwaar aan.

Strafbepaling

Omdat de man alsnog voor een deel openheid van zaken gaf en spijt betuigde, nam hij enigszins zijn verantwoordelijkheid. Maar strafrechtelijke consequenties voor zijn handelen kunnen niet uitblijven. Alles afwegende oordeelt de rechtbank dat een forse gevangenisstraf passend en gerechtvaardigd is. Een voorwaardelijk deel vindt de rechtbank noodzakelijk om te voorkomen dat de man wederom in de fout gaat. Daarom legt de rechtbank aan de man een gevangenisstraf voor 30 maanden op, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijdDe rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van 3 jaar.