Duo veroordeeld voor brandstichting en poging tot doodslag in Renkum
Vrijspraak poging moord

Op 14 juni 2020 stichtten de mannen brand bij een pand in Renkum dat werd gebruikt voor kamerbewoning. 1 van de bewoners van het pand was hen nog geld schuldig voor drugs. De mannen gingen naar zijn woning om het geld te incasseren. De man bleek niet thuis te zijn en om duidelijk te maken dat zij er niet van gediend waren dat hij hen niet betaalde, stichtte het duo brand voor de deur van zijn kamerOnderdeel van een rechterlijk college, zoals een strafkamer, belastingkamer, vreemdelingenkamer of militaire kamer. Zie ook: Enkelvoudige kamer en Meervoudige kamer.. Hierbij gebruikten zij in totaal 6 liter wasbenzine en terpentine. Zij waren binnengelaten door de buurman en hadden hem even daarvoor de kamer ernaast binnen zien gaan. De mannen hebben het risico dat deze buurman, een volkomen onschuldig slachtoffer, bij de brand om het leven zou komen op de koop toegenomen.
Vrijspraak poging moord
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. spreekt de mannen vrij van poging tot moord. Volgens de rechtbank bevat het dossier onvoldoende bewijs dat de mannen een vooropgezet plan hadden om het slachtoffer om het leven te brengen en hebben zij onvoldoende tijd en gelegenheid gehad om over de gevolgen van hun voorgenomen daad na te denken.
Voor het leven getekend
Het slachtoffer is door de brand voor het leven getekend. Hij liep ernstige brandwonden op in zijn gezicht, in zijn hals, op zijn rug en zijn armen. Zijn hond kwam bij de brand om het leven. Door de brandwonden wordt hij dagelijks aan de brand herinnerd.
Ook voor de andere bewoners die op dat moment thuis waren, veroorzaakten de mannen levensgevaar. Door de brand werd het pand onbewoonbaar verklaard, waardoor enkele bewoners dakloos raakten. Veel van hun bezittingen gingen verloren of raakten beschadigd door de brand.
Gewetenloos
De rechtbank houdt rekening met het feit dat de mannen zich totaal niet bekommerden om de brand en de ernstige gevolgen daarvan. De 20-jarige Rotterdammer maakte namelijk direct na de brandstichting een filmpje van zichzelf voor de brandende trap met de tekst: 'weet met wie je problemen zoekt'. Ook zocht het duo na de brand opnieuw contact met de man die hen nog geld schuldig was. Hij moest alsnog geld betalen.
Verzoek toepassen jeugdstrafrecht afgewezen
De advocaatRaadsman of raadsvrouw in juridische aangelegenheden. Een advocaat is lid van de Nederlandse Orde van Advocaten. van de 20-jarige Rotterdammer verzocht de rechtbank om hem volgens het jeugdstrafrechtStrafrecht voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd. Bij het jeugdstrafrecht vinden zittingen achter gesloten deuren plaats. De leeftijdsgrenzen kunnen variëren. 16- en 17-jarigen kunnen volgens de regels van het volwassenenstrafrecht worden berecht als de ernst van het delict, hun persoonlijkheid of de omstandigheden waaronder het feit is begaan daar aanleiding voor geeft. Jongeren van 18 tot 23 jaar kunnen op grond van hun persoonlijkheid volgens de regels van het jeugdstrafrecht berecht worden. De rechter bepaalt welk recht van toepassing is. te veroordelen. De rechtbank vindt de misdrijven zo ernstig, dat zij daar geen aanleiding toe ziet. De Rotterdammer was degene die vooraf dreigde met brandstichting, de brandversnellers kocht, de vloeistoffen uitgoot en de brand als het ware opeiste door het maken van een filmpje van de brandende trap. Zijn rol was groter dan de rol van de 21-jarige man uit Nieuwerkerk a/d IJssel en hij wordt daarnaast ook veroordeeld voor bedreiging met brandstichting. Daarom krijgt hij een zwaardere straf.
Vrijspraak man uit Schiedam
Een 19-jarige man uit Schiedam - die de mannen naar Renkum vervoerde - is vrijgesproken van betrokkenheid bij de brandstichting. Uit het dossier blijkt onvoldoende dat hij wist wat de andere mannen daar deden. Wel veroordeelt de rechtbank hem tot een geldboete van 550 euro voor het bezit van een stroomstootwapen.
Schadevergoeding
Tot slot moeten de mannen uit Rotterdam en Nieuwerkerk a/d IJssel in totaal een bedrag van ruim 127 duizend euro schadevergoeding betalen aan het slachtoffer en enkele kamerbewoners voor onder meer vernielde goederen en immateriële schadeSchade die veroorzaakt is door verdriet, smart of geestelijk gemis. Deze schade is (in tegenstelling tot materiële schade) niet direct in geld uit te drukken. De vergoeding die wordt uitgekeerd om immateriële schade te vergoeden heet smartengeld..