Dwangsom voor Tomassen Duck-To blijft gelden
Bedrijf krijgt 11 weken om af te schalen

In 2022 verleende de provincie een natuurvergunning aan Tomassen Duck-To, maar die is in 2025 door de rechtbank Midden-Nederland vernietigd- U verlaat Rechtspraak.nl. Dat betekent dat Tomassen Duck-To op dit moment geen natuurvergunning heeft voor de activiteiten van de eendenslachterij. Animal Rights, stichting DOEH en Stichting Mobilisation for the Environment (MOB) hebben een verzoek ingediend bij de provincie om hier handhavend tegen op te treden.
Last onder dwangsom
De provincie legde aan Tomassen Duck-To een last onder Bedrag dat iemand moet betalen als hij niet voldoet aan een verplichting die hem door de rechter is opgelegd. In het bestuursrecht is het een bedrag dat iemand moet betalen als niet voldaan wordt aan de last die door een bestuursorgaan is opgelegd. op. De eendenslachterij moet de bedrijfsactiviteiten in overeenstemming brengen met de Hinderwetvergunning uit 1992. Dat is de zogenaamde ‘referentiesituatie’. Zo niet, dan verbeurt Tomassen Duck-To een dwangsom van 10 duizend euro per dag met een maximum van 200 duizend euro. In bezwaar heeft de provincie de dwangsom in stand gelaten. Tomassen Duck-To stelde vervolgens beroep in en vraagt om de last onder dwangsom als Een voorlopige beslissing in spoedeisende zaken die gezien kan worden als tijdelijke regeling tot de eindbeslissing er is. te schorsen zolang het beroep loopt.
Geen uitzondering
De voorzieningenrechter oordeelt dat het Het opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. van Tomassen Duck-To geen redelijke kans van slagen heeft. Dat betekent dat de voorzieningenrechter denkt dat de last onder dwangsom rechtmatig is opgelegd en dat de Rechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. dit besluit in de beroepsprocedure dus niet zal vernietigen.
Tomassen Duck-To erkent namelijk dat sprake is van een Licht strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel berecht door de sector kanton van de rechtbank, misdrijven door de strafsector van de rechtbank. omdat zij de eendenslachterij zonder natuurvergunning exploiteert. Het uitgangspunt is dat de provincie daartegen handhavend moet optreden, behalve in uitzonderingsgevallen. Van zo’n uitzondering is volgens de voorzieningenrechter geen sprake. Zo is rechtspraak waarin de Afdeling Rechtspraak die zich bezighoudt met geschillen over besluiten van een bestuursorgaan. De geschillen kunnen zich zowel tussen particulieren, organisaties en bestuursorganen als tussen bestuursorganen onderling afspelen. Bestuursrecht is de moderne benaming voor wat vroeger administratief recht heette. van de Hoogste adviescollege van de staat dat adviseert over alle wetsontwerpen en algemene maatregelen van bestuur; de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beslist in hoogste instantie in geschillen over besluiten van overheidsorganen. bepaalde bedrijven nog overgangstermijnen gunt om te voldoen aan de regels in natuurzaken, niet van toepassing in deze zaak omdat Tomassen Duck-To al langer zonder de benodigde natuurvergunning opereert. Ook heeft de provincie toegelicht hoe Tomassen Duck-To aan de last kan voldoen: het bedrijf hoeft niet terug te schakelen naar de manier van werken van toen, maar kan de bedrijfsactiviteiten van toen ‘omrekenen’ naar hoeveel stikstofdepositie op dat moment was toegestaan. Tomassen Duck-To moet haar stikstofuitstoot dus terugbrengen naar wat zij mocht uitstoten op grond van de vergunning uit 1992. De voorzieningenrechter kan deze uitleg volgen.
Afschaling van productie
De provincie is volgens de voorzieningenrechter niet voldoende ingegaan op de grote financiële gevolgen die deze verplichting heeft voor Tomassen Duck-To, maar kan hier in een aanvullende motivering nog op ingaan bij de behandeling van het beroep.
Tomassen Duck-To krijgt nog 11 weken de tijd van de voorzieningenrechter om aan de last onder dwangsom te voldoen.