Man veroordeeld voor het aanrijden van fietser in Nijmegen

Op 2 oktober 2022 vond een aanrijding plaats tussen een personenauto en een fietser in Nijmegen. De Arnhemmer reed die avond tegen de rijrichting een straat in die door een proef was afgesloten voor gemotoriseerd verkeer. Nadat de fietser een tik tegen zijn autospiegel gaf, ging hij achter de fietser aan. De man reed zo dicht in de buurt van het slachtoffer, dat de fietser rechts naast hem ten val kwam. De man sloeg vervolgens rechtsaf, terwijl hij wist dat de fietser aan de rechterkant van zijn auto gevallen was. Hierbij reed de man over de fietser heen. De fietser raakte door het ongeluk gewond en liep een gebroken sleutelbeen, elf gebroken ribben, een klaplong, een zware hersenschudding en diverse breuken in zijn gezicht op.
Poging doodslag
Volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is sprake van poging doodslag. De man reed met een te hoge snelheid in een smalle straat met wegversmalling vlak langs de fietser heen, waardoor deze ten val kwam aan de rechterkant van zijn auto. De man reed vervolgens door en sloeg rechtsaf, terwijl hij wist dat de fietser daar lag. De rechtbank vindt dat de man daarmee bewust het risico op het veroorzaken een dodelijk ongeval nam, waardoor sprake is van voorwaardelijk opzet. De rechtbank vindt het zorgelijk dat de man al vaker met politie en justitie in aanraking is gekomen in verband met verkeersfeiten.
Stok achter deur
Volgens de rechtbank past bij het rijgedrag van de man en de gevolgen daarvan voor het slachtoffer een forse gevangenisstraf en een lange ontzegging van de rijbevoegdheid. De rechtbank legt hierbij een deels voorwaardelijke strafStraf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de officier van justitie bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd. op als stok achter de deur. Met dit signaal hoopt de rechtbank dat dit hem ervan weerhoudt om in de toekomst opnieuw op een dergelijke manier de fout in te gaan.