Nepagent cel in voor meerdere oplichtingen

De delicten vonden plaats tussen 31 mei en 25 juni 2024. Het ging hierbij om zogenoemde babbeltrucs, waarbij oudere mensen worden gebeld door iemand die zich voordoet als politiemedewerker. De vermeende agenten vertelden aan de slachtoffers dat er veel inbraken in de buurt waren gepleegd en dat hun naam op een lijst van criminelen was aangetroffen. Vervolgens vroegen ze dan of er geld dan wel sieraden in de woning waren. Zodra de slachtoffers bevestigend antwoordden zou een collega-agent langskomen om die goederen veilig te stellen. Dit leidde ertoe dat slachtoffers in goed vertrouwen zijn of haar waardevolle bezittingen afgaven.
De 26-jarige man werkte bij de oplichtingen samen met andere personen, die tot nu toe onbekend zijn gebleven. De 26-jarige man had de rol om de waardevolle spullen bij de slachtoffers thuis op te halen. In een paar gevallen in deze strafzaak kreeg een slachtoffer argwaan. In één geval waarschuwde iemand tijdig de echte politie waardoor de Brabander in de woning van het slachtoffer op heterdaad kon worden gearresteerd.
Zwaarder delict dan inbraak
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. overweegt in lijn met een eerdere uitspraak van 12 september 2025- U verlaat Rechtspraak.nl dat oplichting via een babbeltruc - waarbij de slachtoffers via de telefoon en in hun woning geconfronteerd worden met de daders - een zwaarder delictStrafbaar feit. is dan een woninginbraak. Aan de hand van lijsten met namen en persoonsgegevens - die vaak worden verkregen door het illegaal hacken van gegevensbestanden van instellingen en bedrijven en daarna worden verkocht via het dark web – selecteren daders personen met een hoge leeftijd. De slachtoffers moesten vooral oud zijn. Met de babbeltruc probeerde de nepagenten hun vertrouwen te winnen. Het slachtoffer gaf in goed vertrouwen geld en waardevolle spullen mee. De rechtbank oordeelt vanwege de grote impact die de daden van de man en zijn mededaders hadden en kijkend naar de rol die de man uit Breda vervulde als ophaler, per voltooide oplichting als uitgangspunt een gevangenisstraf van vijf maanden passend.
Geen oog voor impact slachtoffers
De rechtbank vindt het hoogst verwerpelijk dat de daders hiervoor bewust slachtoffers op hoge leeftijd kozen. Zij maakten misbruik van het vertrouwen dat de slachtoffers in de politie hebben. De man handelde op dat moment schaamteloos en ging keer op keer op aangeven van zijn mededaders naar een woning toe. Vervolgens nam hij met een ongehoorde brutaliteit van deze bejaarde slachtoffers alles van waarde mee. De 26- jarige man en de mededaders hebben er kennelijk geen moment over nagedacht wat voor impact hun handelen op de slachtoffers zou kunnen hebben.
De man uit Breda liet zich keer op keer weer verleiden om een politieshirt aan te trekken en bij onschuldige gezagsgetrouwe mensen aan te bellen en hun bezittingen af te troggelen. Volgens de rechtbank zijn de delicten zo ernstig dat alleen kan worden volstaan met een forse deels onvoorwaardelijke celstraf.
Schadevergoeding
Tot slot moet de man een aanzienlijke vergoeding betalen voor de schade die is ontstaan bij de diverse slachtoffers. Het gaat hier om een totaalbedrag van 113.985 euro aan materiële schadeSchade die direct in geld is uit te drukken.. Aan immateriële schadeSchade die veroorzaakt is door verdriet, smart of geestelijk gemis. Deze schade is (in tegenstelling tot materiële schade) niet direct in geld uit te drukken. De vergoeding die wordt uitgekeerd om immateriële schade te vergoeden heet smartengeld. moet de man een totaalbedrag van 4 duizend euro betalen. Mochten zijn mededaders nog worden opgespoord en berecht dan moeten ook zij een stuk van deze vergoedingen betalen.