Oordeel over uitleveringsverzoek aan Turkije uitgesteld
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. heeft vandaag geen einduitspraak gedaan maar een tussenbeslissing genomen. In deze tussenbeslissing geeft de rechtbank aan dat – vanwege de huidige instabiele en onduidelijke omstandigheden in Turkije en de onzekerheden over hoe de situatie zich daar zal ontwikkelen - op dit moment niet goed kan worden beoordeeld of uitlevering toelaatbaar is.
Pas als de toestand in Turkije is gestabiliseerd is het voor de rechtbank mogelijk een goed oordeel te vormen over de toelaatbaarheid van de uitlevering. De rechtbank heeft daarom de beslissing aangehouden voor onbepaalde tijd. De zaak wordt pas weer op zitting gepland als de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. van oordeel is dat dit kan.
Verzoek uitlevering
De man wordt verdacht van het plegen drugsmokkel naar Turkije. Turkije heeft daarom op 15 december 2015 verzocht de man aan Turkije uit te leveren zodat hij in dat land berecht kan worden. Nederland heeft een verdragsrechtelijke plicht tot uitlevering. Of een persoon daadwerkelijk wordt uitgeleverd, is echter afhankelijk van de beslissing die de Minister van JustitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht. hierover neemt. De Minister van Justitie mag deze beslissing pas nemen als een rechtbank heeft geoordeeld dat de uitlevering toelaatbaar is.
Toelaatbaarheid uitlevering
De rechtbank die een beslissing moet nemen over de toelaatbaarheid, beoordeelt of alle formaliteiten rondom het verzoek in orde zijn. Als dit zo is, is uitlevering doorgaans toelaatbaar. De Staat die om uitlevering wordt verzocht, moet er in beginsel op vertrouwen dat de verzoekende Staat de grondrechten van de persoon in kwestie waarborgt. Dat is slechts anders als:
- bij uitlevering het risico aanwezig is dat de persoon in kwestie geen eerlijk proces zal krijgen, zoals bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM),
- bij uitlevering de persoon in kwestie ook geen mogelijkheid heeft om tegen die inbreuk op zijn rechten op te komen.
Achtergrond
Sinds de poging tot het plegen van een staatsgreep is in Turkije de noodtoestand afgekondigd. Daarbij is onder meer het EVRM buiten werking gesteld en zijn vele duizenden rechters, aanklagers en advocaten op non-actief gesteld. Aangenomen mag worden dat de rechtspleging daardoor ernstige vertraging zal oplopen. Onduidelijk is hoe lang de noodtoestand zal voortduren en wat hiervan de gevolgen zullen zijn. Ernstige vertraging van de rechtspleging kan bijvoorbeeld tot gevolg hebben dat een uitgeleverde persoon onevenredig lang in voorarrestHet totaal aantal dagen dat iemand doorbrengt in politiecel of Huis van Bewaring voorafgaand aan de zitting en uitspraak. De dagen die iemand in voorarrest heeft doorgebracht worden van de straf afgetrokken. zou kunnen verblijven. Dit is in strijd met het EVRM.
De rechtbank kan op dit moment niet beoordelen of aan Turkije uitgeleverde personen aanspraak kunnen maken op de aan hen toekomende grondrechten. En als dit niet zo zou zijn, of een uitgeleverde persoon dan kan worden bijgestaan door een onafhankelijke advocaatRaadsman of raadsvrouw in juridische aangelegenheden. Een advocaat is lid van de Nederlandse Orde van Advocaten. en kan worden berecht door een onafhankelijke rechterlijk college.