Arnhem|

Rotterdammer veroordeeld voor wapenbezit

De rechtbank veroordeelt een 20-jarige man uit Rotterdam voor bezit van een vuurwapen en munitie. Hij krijgt een jeugddetentie op van 42 dagen waarvan 25 dagen voorwaardelijk. De rechtbank spreekt een 20-jarige man uit Rotterdam en een 20-jarige man uit Harfsen vrij, omdat de rechtbank oordeelt dat geen sprake is van medeplegen.

Op 18 maart 2025 hield undercoverpolitie in de buurt van Nijmegen na een melding van het systeem van kentekenplaatherkenning een auto staande. Tijdens het fouilleren van de man die op de achterbank had gezeten, trof de politie een vuurwapen en een magazijn met daarin elf kogelpatronen aan. De man verklaarde dat hij het wapen en de munitie van de bijrijder had gekregen toen de politie opdook. De bestuurder en de bijrijder verklaarden niets te weten van het vuurwapen of de patronen. Volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is het medeplegen (wanneer twee of meer personen samen een strafbaar feit plegen) van het vuurwapen- en munitiebezit niet wettig en overtuigend te bewijzen. Daarom volgt vrijspraakBeslissing van de rechter als hij het tenlastegelegde feit niet wettig en overtuigend bewezen acht. voor een Rotterdammer en een man uit Harfsen. 

Jeugdstrafrecht toegepast

De rechtbank past het jeugdstrafrechtStrafrecht voor jongeren tussen de 12 en 18 jaar. Kinderen jonger dan 12 jaar kunnen niet strafrechtelijk worden vervolgd. Bij het jeugdstrafrecht vinden zittingen achter gesloten deuren plaats. De leeftijdsgrenzen kunnen variëren. 16- en 17-jarigen kunnen volgens de regels van het volwassenenstrafrecht worden berecht als de ernst van het delict, hun persoonlijkheid of de omstandigheden waaronder het feit is begaan daar aanleiding voor geeft. Jongeren van 18 tot 23 jaar kunnen op grond van hun persoonlijkheid volgens de regels van het jeugdstrafrecht berecht worden. De rechter bepaalt welk recht van toepassing is. toe voor de 20-jarige Rotterdammer. De man heeft al zeventien dagen in voorarrest gezeten. De rechtbank vindt het belangrijk dat de man niet terug naar de jeugdgevangenis hoeft. Zij legt een jeugddetentie op van 42 dagen. De 17 dagen voorarrest worden hiervan afgetrokken. De resterende 25 dagen worden voorwaardelijk opgelegd. Als bijzondere voorwaarden moet de man meewerken aan ambulante behandeling en diagnostisch onderzoek. Hij moet zich daarnaast aan aanwijzingen en afspraken houden om zijn leven op orde te houden. Tot slot moet hij zich laten begeleiden door de jeugdreclassering. De straf is gelijk aan de eis van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is.