Zorgboerderij Arnhem moet pand verlaten na beëindiging overeenkomst van gebruik door gemeente

Arnhem|
Zorgboerderij De Kroon moet binnen vier weken – na betekening van het vonnis – het pand en terrein in Arnhem verlaten. Daarna kan de gemeente de nieuwe huurder de gelegenheid geven voor het opstarten van haar activiteiten. Dat oordeelt de kortgedingrechter. Ze komt tot de conclusie dat de bruikleenovereenkomst rechtsgeldig is opgezegd per 1 januari 2026.

De huurovereenkomst tussen de gemeente Arnhem en de hoofdhuurder werd op 1 augustus 2024 geëindigd. De hoofdhuurder heeft toen ook de (onder)huurovereenkomst met de zorgboerderij beëindigd. De zorgboerderij maakte daarna -met instemming van de gemeente - gebruik van het pand op basis van een bruikleenovereenkomst, terwijl zij daar geen huurprijs of andere tegenprestatie voor verschuldigd was. Intussen vond de gemeente na een openbare selectieprocedure een nieuwe huurder voor de zorgboerderij, waarop de gemeente op 23 september 2025 per brief aan de eigenaren van Zorgboerderij De Kroon lieten weten dat zij per 1 januari 2026 het pand moesten verlaten in verband met een nieuwe huurder. De zorgboerderij weigerde echter het pand vrijwillig te verlaten. De gemeente Arnhem probeert nu via een kort gedingProcedure om in een spoedeisende civiele zaak snel een beslissing van de rechtbank te krijgen. Dit is een voorlopige uitspraak. Hierna kunnen de partijen alsnog naar de rechtbank gaan om de zaak voor te leggen (de 'bodemprocedure'). Zorgboerderij De Kroon het pand en terrein te laten ontruimen.

Brief is opzegging bruikleenovereenkomst

De Zorgboerderij stelt zich op het standpunt dat de brief van 23 september 2025 van de gemeente Arnhem niet te kwalificeren is als opzegging van de bruikleenovereenkomst. De kortgedingrechter gaat hier niet mee en oordeelt dat de gemeente hiermee deze overeenkomst per 1 januari 2026 heeft beëindigd. De boodschap in deze brief was duidelijk. Uit het handelen van de eigenaren van de zorgboerderij blijkt dat zij de brief ook zo hebben opgevat, omdat zij meteen daarna in direct contact wilden komen met de nieuwe huurder van het pand om op die manier een nieuwe huurconstructie tot stand konden brengen, zodat zij de zorgboerderij op deze locatie konden blijven runnen.

Opzegging rechtsgeldig

De kortgedingrechter oordeelt verder dat de opzegging rechtsgeldig is. Daarbij is het volgende van belang. Omdat tussen partijen voor de bruikleenovereenkomst geen einddatum is afgesproken, gaat het om een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd. Vaste rechtspraak is dat een voor onbepaalde tijd gesloten duurovereenkomst in beginsel opzegbaar is, ook wanner - zoals hier - de wet en die overeenkomst niet voorzien in een regeling van opzegging.

Geen toezegging

De eigenaren van de zorgboerderij waren van mening dat er wel extra eisen moesten worden gesteld aan de opzegging. Zij hadden het idee dat zij een toezegging van de gemeente hadden gekregen. Die hield volgens hen in dat zij gebruik mochten blijven van de zorgboerderij totdat er een nieuwe huurder voor het pand was gevonden waarmee een constructie kon worden opgezet waarbij zij  hun activiteiten op de locatie konden voortzetten. De kortgedingrechter gaat hier niet in mee. Uit een verslag van een gesprek volgt dat weliswaar is gezegd dat de zorgboerderij overeind moet blijven in welke vorm dan ook, maar in dat gesprek is ook meerdere keren aangegeven dat de wethouder beslist wie de nieuwe huurder wordt en dat niet vaststaat dat de zorgboerderij beheerder blijft. Verder is in dat gesprek meerdere keren aangegeven dat de nieuwe huurder uiteindelijk zal bepalen wie de beheerder van de zorgboerderij wordt. Hieruit blijkt dus niet dat er een concrete toezegging door de gemeente is gedaan waaruit de eigenaren konden afleiden dat zij hoe dan ook de zorgboerderij mochten blijven uitbaten.   

Tot ontruiming overgaan

Hoewel de kortgedingrechter het belang van de eigenaren van de zorgboerderij bij behoud van het beheer van de zorgboerderij onderkent - en daarmee ook de belangen van de daarop aanwezige dieren - weegt dit niet op tegen het belang van de gemeente bij ontruiming. De gemeente heeft al een nieuwe huurder gevonden voor het gehele bedrijfspand en de huurovereenkomst is inmiddels geruime tijd ingegaan. Zolang de zorgboerderij niet is ontruimd, kan de gemeente het pand niet volledig ter beschikking1. In het bestuursrecht: Een beslissing van een overheidsorgaan in een concreet geval, bijvoorbeeld het verlenen van een bouwvergunning. 2. In het civiele recht: een rechterlijke uitspraak in een procedure die begint met een verzoekschrift. Een uitspraak in een procedure die begint met een dagvaarding, heet een vonnis. stellen aan de nieuwe huurder en kan zij niet van start gaan met haar onderneming in het bedrijfspand. Daarbij kan van de gemeente niet worden verwacht dat zij voor onbepaalde tijd de zorgboerderij ter beschikking blijft stellen totdat zij een voor de eigenaren van de zorgboerderij bevredigende oplossing hebben gevonden.

De kortgedingrechter oordeelt daarom dat de eigenaren van de zorgboerderij het pand ontruimen en ontruimd houden.