Utrechtse tuinders hoeven volkstuinen niet te ontruimen

Briefje op prikbord
De voormalige eigenaar van het perceel is ruim 40 jaar geleden begonnen met de verhuur van volkstuinen. De huurcontracten zijn allemaal mondeling afgesproken en voor onbepaalde tijd. In 2018 is de eigendom overgegaan naar de huidige eigenaren. Eén van hen woont naast het perceel. Drie jaar later, in 2021, is op het prikbord van het volkstuincomplex de mededeling opgehangen dat de nieuwe eigenaren met de gemeente gaan kijken naar een andere inrichting van het perceel. Twee maanden later hebben de huidige eigenaren de huur met de tuinders opgezegd. Omdat de tuinders weigeren hun volkstuin te ontruimen zijn de eigenaren van het perceel naar de rechter gestapt. Zij eisen ontruiming met als prikkel een dwangsomBedrag dat iemand moet betalen als hij niet voldoet aan een verplichting die hem door de rechter is opgelegd. In het bestuursrecht is het een bedrag dat iemand moet betalen als niet voldaan wordt aan de last die door een bestuursorgaan is opgelegd. van duizend euro per dag.
Zwaarwegende grond
Opzegging van het huurcontract heeft grote gevolgen voor de tuinders. Zo kunnen zij in de toekomst niet meer tuinieren omdat volkstuinen zeer gewild en schaars zijn. Het is niet te verwachten dat zij binnen enkele jaren op een andere plek een volkstuin kunnen huren. De nieuwe eigenaren willen in de nieuwe situatie ook ruimte voor volkstuinen, maar daarmee is niet gezegd dat de huidige huurders weer een stukje grond kunnen huren. Er moet dus een zwaarwegende grond zijn om de huur op te zeggen. En de kantonrechterDe kantonrechter behandelt zowel civiele zaken als strafzaken. Het is een alleensprekende rechter die zaken als overtredingen uit het strafrecht, arbeidszaken, huurzaken en zaken onder de € 25.000,- behandelt. Vroeger was het kantongerecht een apart gerecht naast de rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad. De kantongerechten zijn opgegaan in de rechtbanken. De term 'kantonrechter' is blijven bestaan. heeft beslist dat de aangevoerde gronden minder zwaar wegen dan de belangen van de huurders. De eigenaren laten de bestemming van het perceel namelijk intact. Daar komt bij dat de huidige huurders geen bezwaar hebben tegen herontwikkeling en bereid zijn om meer huur te betalen. Wanneer de huidige eigenaren de tuinders een redelijk aanbod hadden gedaan om na voltooiing van de herontwikkeling opnieuw een stuk grond te huren dan was de belangenafweging mogelijk anders uitgevallen. De tuinders kunnen dan immers blijven tuinieren. Maar dat aanbod ligt er niet. Daarom weegt het belang van de tuinders zwaarder dan het belang van de eigenaren van het perceel.