Veroordelingen voor gewapende overval op supermarkt Hilversum

Gewapende overval
Op 11 juli 2020 komen de verdachten uit Amsterdam en Lelystad de Albert Heijn aan de Gijsbrecht van Amstelstraat in Hilversum binnen rennen. Ze zijn allebei in het donker gekleed en dragen een bivakmuts. Eén van de jongens richt een vuurwapen op een kassière en roept: ‘Dit is een overval!’. Als de kassière de kassa opent, halen ze er geld uit en lopen vervolgens naar de servicebalie. Daar richten ze het vuurwapen op een andere medewerker. Ze pakken meerdere pakjes sigaretten uit een lade.
Afgetapte gesprekken
Op beelden van bewakingscamera’s is de overval te zien. Het lukt de politie om de telefoonnummers van de verdachten te achterhalen. Eén van hen krijgt vervolgens een brief van de politie waarin hij wordt gevraagd naar het politiebureau te komen. In de brief staat dat het gaat om een verhoor in verband met een overval. Uit afgetapte gesprekken tussen de verdachten blijkt dat ze contact hebben over de brief van de politie. In de oproepingsbrief staat niet om welke overval het gaat, maar de verdachten hebben het aan de telefoon over een overval bij de ‘Appie’. Vervolgens zegt de ene verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. tegen de ander dat hij zich geen zorgen hoeft te maken omdat zijn naam niet wordt genoemd. Na het verhoor vertelt de verdachte aan medeverdachte dat ze hem foto’s hebben laten zien. In het tapgesprek zegt hij lachend: ‘Weet je welke foto’s ze hadden gepakt? Dat ik het wapen op die kassamedewerker had getrokken. Ik stond zo daar met mijn hand vooruit.” Op basis van deze tapgesprekken is de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. van oordeel dat de twee jongens de gewapende overval hebben gepleegd.
Straf
Twee maanden na de overval op de supermarkt ging het duo opnieuw in de fout. Toen pleegden ze onder bedreiging van een mes een straatroof. Ze dwongen het slachtoffer zijn telefoon, horloge en schoenen af te geven. Daarnaast heeft de 18-jarige verdachte zich schuldig gemaakt aan mishandeling, bedreiging en het plegen van openlijk geweld. De 17-jarige verdachte had een gaspistool en mes in zijn bezit én kon zich niet legitimeren. De rechtbank veroordeelt de 18-jarige verdachte uit Lelystad tot een jeugddetentie van 240 dagen, waarvan 142 voorwaardelijk, met een proeftijdDe rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van 2 jaar. De 17-jarige verdachte uit Amsterdam krijgt 240 dagen jeugddetentie, waarvan 175 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast legt de rechtbank beide verdachten een taakstraf op van 100 uur, moeten ze zich melden bij de jeugdreclassering én moeten ze een schadevergoeding betalen aan één van de slachtoffers.