Celstraf voor medeplegen poging doodslag in Beverwijk september vorig jaar

Haarlem|
De rechtbank Noord-Holland veroordeelt twee verdachten tot twee jaar cel, waarvan zes maanden voorwaardelijk, voor het medeplegen van een poging tot doodslag in september 2025 in Beverwijk. Ook moeten zij, samen in totaal ruim 41.000 euro schadevergoeding betalen aan het slachtoffer. Voor een derde verdachte verklaart de rechtbank het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk.

Groepsgeweld

Op 6 september 2025 vond in Beverwijk een geweldsincident plaats waarbij een groep jongeren hun slachtoffer op de grond vasthielden, zijn broek uittrokken en hem sloegen en schopten. Dit geweld is gefilmd en online gedeeld, met daarbij een foto en de naam van het slachtoffer. Een Iemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft bekend dat hij bij dit groepsgeweld aanwezig was en herkent zichzelf ook op de beelden. De andere twee verdachten ontkennen.

Poging Het iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord. bewezen

Uit het dossier blijkt, naar het oordeel van de Rechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt., onder meer dat de verdachten om het slachtoffer heen stonden en hem meermalen op het hoofd en tegen het lichaam hebben geslagen en geschopt. Het ging om een groepsaanval, gericht tegen het slachtoffer dat weerloos op de grond lag en zich hiertegen niet kon verweren. De verdachten hebben meermaals met hun schoenen en met hoge snelheid en veel kracht, trappende en stampende bewegingen op en tegen het hoofd van het slachtoffer gemaakt. De verdachten namen bewust het risico dat zij kwetsbare delen van het hoofd zouden raken, wat ernstig letsel kan veroorzaken met zelfs de dood tot gevolg. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de verdachten het voorwaardelijk opzet op de dood van het slachtoffer hebben gehad en acht het medeplegen van een poging tot doodslag bewezen.

Scholen gesloten

Het filmen en online delen van dit incident is bijzonder vernederend geweest voor het slachtoffer. Deze gebeurtenis en de daarop volgende berichten op sociale media hebben voor grote maatschappelijke onrust gezorgd. In Beverwijk en omgeving leidde dit ertoe dat de burgemeester een noodbevel heeft afgegeven, dat diverse gebieden als veiligheidsrisicogebied werden aangewezen en middelbare scholen en sportclubs zijn gesloten. Uit de slachtofferverklaring en de informatie van de psycholoog blijkt hoeveel impact deze gebeurtenis op het leven van het slachtoffer heeft gehad en nog altijd heeft. De rechtbank rekent dit de verdachten zwaar aan.

Rechtbank: twee jaar celstraf

De twee verdachten van wie de rechtbank hun deelname aan het geweld bewezen acht, krijgen allebei twee jaar celstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, met een De rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van twee jaar. Ze moeten daarnaast ruim 41.000 euro schadevergoeding betalen en krijgen een contactverbod met het slachtoffer opgelegd. Ook moeten ze in hun proeftijd meewerken met de Instelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte., om te voorkomen dat ze in herhaling vallen.

Valt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. niet-ontvankelijk voor derde verdachte

De derde verdachte zou samen met een vierde verdachte ook betrokken zijn bij het groepsgeweld in Beverwijk. Die vierde verdachte zou het incident hebben gefilmd en de broek van het slachtoffer omlaag hebben getrokken. Deze verdachte is niet vervolgd. Volgens de rechtbank leidt dat tot ongelijke behandeling van gelijke gevallen. Het openbaar ministerie heeft hier geen rechtvaardige reden voor gegeven. De rechtbank verklaart het openbaar ministerie daarom, Niet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. voor de derde verdachte omdat deze keuze van het openbaar ministerie niet voldoet aan de wet en uitspraken hierover.