Gemeente Texel moet opnieuw besluiten nemen over ijskar

IJskar
De eigenaresse van de ijskar verkoopt al vijftien jaar ijs op een standplaats nabij de kruising Jan Ayeslag-Rommelpot op Texel. De bewoners van een woning nabij de standplaats hebben de gemeente op 16 augustus 2021, toen de eigenaresse daar nog zonder standplaatsvergunning stond, verzocht daar handhavend tegen op te treden. De gemeente heeft toen tegen de eigenaresse gezegd dat zij een vergunning moest aanvragen, waarna de gemeente een standplaatsvergunning heeft verleend. De bewoners hebben vervolgens bezwaarProtest van een particulier of organisatie tegen bepaald overheidshandelen. gemaakt tegen de standplaatsvergunning die de gemeente aan de eigenaresse van de ijskar heeft verleend. Volgens de bewoners is er sprake van strijd met het bestemmingsplan, onder meer door de vele zitplaatsen en de drukte rond de ijskar die tot vergroting van de verkeersonveiligheid leidt.
De gemeente heeft het verzoek om handhavend op te treden tegen de ijskar afgewezen. Zij hebben daarbij aangenomen dat de plaatsing van de ijskar en de verkoop van ijs geen overtredingLicht strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel berecht door de sector kanton van de rechtbank, misdrijven door de strafsector van de rechtbank. is van het geldende bestemmingsplan.
De gemeente beaamt dat de verkeerssituatie ter plekke niet ideaal is. De oorzaak ligt volgens de gemeente echter in de onveilige kruising en is niet het gevolg van de standplaats van de ijskar. De gemeente wil daarom het kruispunt herinrichten om het veiliger te maken, maar dit staat los van deze zaak.
Oordeel rechtbank
Dat de ijskar en de verkoop van ijs in dit geval geen overtreding veroorzaken van het geldende bestemmingsplan, is volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. onjuist. Het innemen van een standplaats met een ijskraam past onder meer niet in de bestemming, omdat de rechtbank het bedrijf van eiseres ziet als een horecabedrijf. In de regels staat namelijk dat dit een bedrijf is, waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt. Bij de ijskar zijn ruim 30 zitplaatsen gemaakt, waar het ijs ter plekke kan worden opgegeten. Volgens de rechtbank had de gemeente daarom moeten motiveren waarom ze dan toch de standplaatsvergunning heeft verleend. Dit heeft ze niet gedaan.
De rechtbank concludeert verder dat de gemeente niet zorgvuldig heeft onderzocht of de verkoop van ijs op deze plek bijdraagt aan een verkeersonveilige situatie. De politie heeft wel onderzoek gedaan naar de verkeersveiligheid ter plaatse, maar dat was in december 2021, toen de ijskar niet op de standplaats stond.
De rechtbank vernietigt het besluit waarin de gemeente de standplaatsvergunning verstrekt en het besluit waarin het verzoek om handhaving is afgewezen. De gemeente moet binnen acht weken nieuwe besluiten nemen.