Alkmaar|

Jeugddetentie en werkstraf voor steekincident in Zaandam

De rechtbank Noord-Holland heeft een 16-jarige jongen veroordeeld tot 180 dagen jeugddetentie, waarvan 152 dagen voorwaardelijk voor een poging tot doodslag op een leeftijdgenoot. Ook heeft de rechtbank hem een werkstraf van 160 uur opgelegd. Het incident vond plaats op 30 januari 2020 in Zaandam. De rechtbank acht bewezen dat de jongen, toen hij met het slachtoffer in een worsteling was geraakt, met een mes een stekende beweging maakte en het slachtoffer in het hart raakte. Het slachtoffer raakte zwaar gewond en overleefde de steekpartij ternauwernood.

Noodweer

De jongen deed een beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. op noodweerHet plegen van een strafbaar feit om jezelf of een ander te beschermen tegen een onmiddellijke bedreiging. De verdediging mag niet verder gaan dan noodzakelijk is. Als noodweer is vastgesteld, is er geen sprake van een strafbaar feit. omdat hij werd aangevallen door het slachtoffer en nog een derde jongen. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. verwierp dat beroep omdat de manier waarop hij zichzelf meende te moeten verdedigen (het steken met een mes) niet in verhouding stond tot de manier waarop hij werd aangevallen (zijn aanvallers waren niet gewapend).

Ook het beroep op noodweerexcesAls iemand de grens overschrijdt van de noodzakelijke verdediging (noodweer), bijvoorbeeld omdat hij in paniek raakt, kan sprake zijn van noodweerexces. De dader is dan niet strafbaar. is door de rechtbank verworpen, omdat niet is gebleken dat hij zodanig in paniek verkeerde of angstig was dat hem het steken niet kwalijk genomen kan worden.

Straf

Bij de strafoplegging heeft de rechtbank aan de ene kant gekeken naar de ernst van het feit en de gevolgen voor het slachtoffer en aan de andere kant naar de omstandigheden van de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld.. Daarbij speelt mee de jonge leeftijd van de verdachte en zijn verminderde toerekeningsvatbaarheid, het feit dat hij geen strafbladVermelding in het strafregister dat aantekeningen bevat over de keren dat iemand in het verleden verdacht werd van strafbare feiten (met name misdrijven) en over de afloop daarvan (sepot, vrijspraak, veroordeling). heeft en de omstandigheid dat hij zich sinds zijn vrijlating aan strenge voorwaarden heeft gehouden, waaronder een verblijf van enkele maanden in een ‘safehouse’ en een avondklok, gecontroleerd door een enkelband. Ook de komende tijd blijven nog strenge voorwaarden gelden en wordt hij begeleid door de jeugdreclassering. Verder moet hij de nodige behandelingen ondergaan om herhaling te voorkomen.
De eisStrafrecht: Straf die de verdachte volgens de officier van justitie zou moeten krijgen. Civiel recht: wat iemand in een rechtszaak eist van de tegenpartij. van het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. was van tien maanden jeugddetentie waarvan vijf voorwaardelijk.

Schadevergoeding

Tot slot heeft de rechtbank bepaald dat de jongen aan het slachtoffer schadevergoeding moet betalen. Ook de door de ouders gemaakte kosten moet hij vergoeden.