Taakstraf voor zwaar verkeersongeval 't Zand

Ongeval
Op 19 februari 2022 vervoerde de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. een aantal personen met een busje vanuit Polen naar Nederland. Op de Bosweg in 't Zand reed voor hem een fietser. Op het moment dat de fietser linksaf wilde slaan naar haar huis reed de verdachte haar van achteren aan, waardoor zij zwaar gewond in de sloot terecht kwam.
Uit onderzoek blijkt dat de verdachte tussen de 72 en 81 kilometer per uur reed, waar 60 kilometer per uur is toegestaan. Ook blijkt dat hij onvoldoende heeft geanticipeerd op de verkeerssituatie: de fietser voor hem was gestopt met trappen, liet haar fiets uitrollen en balanceerde op haar fiets, vanuit de tegengestelde richting kwam een auto aanrijden en de Bosweg is relatief smal. Onder deze omstandigheden had de verdachte zijn snelheid moeten aanpassen en eventueel moeten stoppen om elkaar veilig te kunnen passeren en dat heeft hij niet gedaan.
Beslissing van de rechtbank
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat de verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend heeft gereden en dat het ongeval aan zijn schuld te wijten is. Het slachtoffer heeft zeer zwaar lichamelijk letsel opgelopen. Zij heeft vele operaties moeten ondergaan, maanden in coma gelegen en gevochten voor haar leven. Uit de verklaring die haar vader heeft voorgelezen blijkt dat het ongeval ook drie jaar later nog ingrijpende gevolgen heeft voor het slachtoffer en haar familie. Het ziet ernaar uit dat zij nooit volledig zal herstellen en de rest van haar leven zorg nodig zal hebben.
Voor de hoogte van de straf is het verkeersgedrag van de verdachte een belangrijke factor. In deze zaak gaat het om aanmerkelijk onvoorzichtig en oplettend rijgedrag, de lichtste vorm van schuld , waarvoor een taakstrafWerkstraf gebruikelijk is. Ook heeft de rechtbank rekening gehouden met het blanco strafbladVermelding in het strafregister dat aantekeningen bevat over de keren dat iemand in het verleden verdacht werd van strafbare feiten (met name misdrijven) en over de afloop daarvan (sepot, vrijspraak, veroordeling). van de verdachte. Verder merkt de rechtbank op dat de verdachte de gevolgen van zijn handelen uiteraard niet heeft gewild en dat ook voor hem geldt dat hij de last van het ongeval zal moeten dragen. De rechtbank volgt de eis van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. en legt naast de taakstraf van 120 uur een voorwaardelijk rijverbod op van een half jaar.