Man veroordeeld voor stalking en verspreiden naaktbeelden
Dreigende en intimiderende berichten

De man jaar heeft gedurende een periode van anderhalf jaar een vrouw belaagd door op verschillende manieren contact met haar te zoeken. Daarbij stuurde hij haar dreigende en intimiderende berichten. Ook heeft de man naaktfoto’s van het slachtoffer openbaar gemaakt door deze in een Telegram groep te plaatsen. Hij heeft hierbij de naam en het telefoonnummer van het slachtoffer genoemd en tegen betaling naaktfilmpjes van het slachtoffer aan derden doorgestuurd.
Niet schuldig aan dwang en identiteitsfraude
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. achtte niet bewezen dat de man zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot het dwingen om naaktvideo’s te maken en aan identiteitsfraude. Van deze feiten werd de man vrijgesproken.
Strafmotivering
Beide strafbare feiten (stalking en het openbaar maken van naaktbeelden) zijn ernstige feiten. VerdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft hiermee laten zien dat hij geen enkel respect heeft voor de privacy en lichamelijke integriteit van een ander. Uit de voorgelezen slachtofferverklaring ter zitting volgt ook dat de feiten veel impact op het slachtoffer hebben gehad.
Strafoplegging
De rechtbank heeft bij het bepalen van de straf gekeken naar straffen die in vergelijkbare zaken worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank er rekening mee dat zij minder feiten bewezen verklaart dan de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is.. Gelet op alle feiten en omstandigheden vindt de rechtbank een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van drie maanden met een proeftijd van drie jaar en een taakstraf van 180 uren passend en geboden.