11 verdachten bezetten ZLTO-gebouw: wel in overtreding, maar geen straf
De verdachten maken onderdeel uit van de actiegroep Animal Rebellion. In september 2020 kwamen zij samen bij het gebouw van land- en tuinbouwbond ZLTO in Den Bosch. Zij eisten een gesprek met de vertegenwoordiger van de ZLTO. De actievoerders wilden met de bond in overleg gaan over de bio-industrie. Dat gesprek heeft ook plaatsgevonden, maar daarna weigerden zij het gebouw te verlaten. Bij de demonstratie werden 12 verdachten door de politie opgepakt. Ze hadden de aanhouding door de politie bemoeilijkt door zich aan elkaar vast te ketenen. De politie was genoodzaakt om passend geweld te gebruiken, maar bij 1 verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. is meer geweld gebruikt zonder dat de noodzaak daarvan is gebleken.

Met het bezetten van (een deel van) het gebouw hebben 11 actievoerders zich schuldig gemaakt aan lokaalvredebreuk. Volgens de politierechterAlleensprekende rechter van de rechtbank in strafzaken die niet zo ingewikkeld zijn en waarin niet meer dan één jaar gevangenisstraf wordt geëist. gaat het hier om een betrekkelijk licht vergrijp, zeker omdat alleen de hal van het ZLTO-gebouw was bezet. De omringende kantoorruimtes konden gewoon worden gebruikt.
Inperking van grondrecht
Door de aanhouding werd hun grondrecht van demonstratie ingeperkt. De verdachten hebben op een ordelijke wijze gebruik gemaakt van het demonstratierecht. Er hebben zich geen incidenten voorgedaan en er is niets beschadigd.
Bij het bepalen van de straf keek de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. verder naar een aantal bijzondere omstandigheden. Zo zijn de verdachten lang vastgehouden op het politiebureau en moesten zij daarbij hun telefoons inleveren die ze pas na langere tijd terugkregen.
Ook hadden de verdachten van de officier van de justitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht. een gedragsaanwijzing gekregen. Zij mochten gedurende drie maanden niet in de buurt komen van het ZLTO-gebouw. Wat nog een verdere inperking van hun grondrecht is.
Wel schuld, geen straf
Dit alles heeft er toe geleid dat de politierechter 11 verdachten schuldig heeft bevonden aan lokaalvredebreuk, maar aan hen geen straf oplegt. 1 verdachte is vrijgesproken omdat hij slechts begeleider was en niet deelnam aan het actievoeren.