4 jaar cel en tbs voor 2 verkrachtingspogingen in Brabant
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. probeerde op 25 maart in Casteren een jonge vrouw te verkrachten. De vrouw was aan het hardlopen en toen zij de verdachte voorbij liep pakte hij haar bij de schouders vast. De vrouw probeerde te ontkomen door zich los te rukken en een weiland in te rennen, maar ze gleed uit en de verdachte kon haar overmeesteren. Vervolgens betastte hij haar en probeerde haar te verkrachten. In mei jl. sleurde de verdachte een 13-jarige meisje tijdens het skeeleren in Bladel de bosjes in. Hij plakte ducttape op haar mond, bond haar handen op haar rug vast en betastte haar daarna.

Dat in beide gevallen de verkrachting niet is voltooid, komt volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. omdat de verdachte bang was door anderen te worden betrapt. In het geval van het meisje schoten wandelaars te hulp, waarna de verdachte vluchtte.
Bij het bepalen van de straf weegt de rechtbank onder meer mee dat de verdachte zijn slachtoffers in een uiterst beangstigende situatie bracht. De verkrachtingspogingen hadden ingrijpende gevolgen voor hen. De verdachte liet zich slechts leiden door zijn eigen seksuele behoeften. Ook weegt mee dat de verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is. Volgens een psycholoog en een psychiater is er sprake van een licht verstandelijke beperking met verschillende stoornissen. Om de kans op herhaling te beperken, vindt de rechtbank het noodzakelijk dat de verdachte – naast een celstraf – tbs met voorwaarden krijgt opgelegd.