Agent veroordeeld voor schieten op inbreker
De politieman ging in april 2012 met een collega af op een inbraakmelding bij een woning in Heeswijk-Dinther. Ze betrapten de inbreker, maar die negeerde het bevel van de politieman om te blijven staan. Daarop trok de agent zijn dienstwapen en maande hij de vluchtende dader(Mede)pleger van een strafbaar feit of degene die het feit heeft uitgelokt. opnieuw tot stoppen. Toen de inbreker over een schutting wilde klimmen, schoot de agent hem in zijn been.
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat de politieman niet had mogen schieten, omdat de Ambtsinstructie stelt dat een agent niet mag schieten op een vluchtende verdachte als de bewoners van de woning waarin wordt ingebroken niet thuis zijn. Daarnaast moet er ook nog sprake zijn van geweld of dreiging van geweld. De agent wist dit ook. Bovendien handelde de agent volgens de rechtbank met voorbedachte raad. Hij zag de inbreker in de tuin van de woning, maande hem enkele keren te stoppen en dreigde anders te zullen schieten. De agent ging kalm en weloverwogen te werk.
Voor een dergelijk misdrijfZwaar strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel in eerste aanleg berecht door de kantonrechter, misdrijven door de afdeling strafrecht van de rechtbank. wordt doorgaans een gevangenisstraf opgelegd. Deze situatie is echter niet te vergelijken met die van een burger die een ander met voorbedachte raad in zijn been schiet. Er was in dit geval sprake van een politieman, die in de uitoefening van zijn functie na een melding van een woninginbraak in het holst van de nacht in een situatie terechtkwam, waarin hij ten onrechte meende te moeten schieten om de vluchtende dader aan te houden. De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. maakte een beoordelingsfout. Dit erkende hij ook direct na het incident. De rechtbank houdt er bij het bepalen van de straf eveneens rekening mee dat er inmiddels geruime tijd is verstreken sinds de schietpartij. Ook heeft de uitkomst van deze zaak mogelijk negatieve gevolgen voor de loopbaan van de man bij de politie. Daarom acht de rechtbank een voorwaardelijke boete op z’n plaats.
De agent moet de inbreker bovendien een schadevergoeding betalen van 2.351,05 euro.