Celstraf en behandeling voor ontucht en afpersing via Facebook
De man maakte twee nep-accounts aan op Facebook en bedreigde via die accounts mensen en dwong ze geld af te geven. Hij wist uiteindelijk 2.950 euro en een smartphone in zijn bezit te krijgen. Verder probeerde de man op soortgelijke wijze om minderjarige meisjes te verleiden tot ontuchtige handelingen. Hij bood geld aan in ruil voor seks. In één geval pleegde hij daadwerkelijk ontucht met een minderjarig meisje, terwijl het in twee andere gevallen bij een poging bleef. Bovendien pleegde hij meerdere keren ontucht met zijn destijds minderjarige vriendin.
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. maakte zich ook schuldig aan meerdere woninginbraken. Hij ging de woningen van familieleden van zijn toenmalige vriendin binnen met een valse sleutel en nam goederen mee. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. acht een deel van de ten laste gelegde feiten over het maken en in zijn bezit hebben van kinderporno niet bewezen. Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank er rekening mee dat de man ernstig misbruik maakte van het vertrouwen dat de slachtoffers in hem stelden. Hij handelde uit winstbejag en zijn eigen seksuele behoeften en trok zich niets aan van de belangen van zijn slachtoffers. In zijn voordeel weegt mee dat de man inmiddels 13 maanden op vrije voeten is en -voor zover bekend- geen nieuwe delicten heeft gepleegd. Een deel van de opgelegde celstraf is voorwaardelijk om de man ervan te weerhouden dat hij opnieuw in de fout gaat. Aan die voorwaardelijke strafStraf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de officier van justitie bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd. koppelt de rechtbank een aantal bijzondere voorwaarden. Zo krijgt de man reclasseringstoezicht opgelegd en moet hij meewerken aan een ambulante behandeling.