Celstraf voor slaan met hakbijl in Geldrop
De 37-jarige verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. zocht in december 2018 de confrontatie met een man die bij een sportschool in Geldrop stond. Hij sloeg meerdere keren met een hakbijl tegen en richting zijn hoofd. Het slachtoffer probeerde deze slagen af te wenden en brak daarbij een arm. Ook liep hij hoofdletsel op. De stiefzoon van de 37-jarige man bedreigde het slachtoffer tijdens de confrontatie met een mes en sloeg en schopte hem. Later deed hij bij de politie een valse aangifte: volgens hem was hij in zijn pink gesneden door het slachtoffer.

Bij het bepalen van de straf van de 37-jarige verdachte houdt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. er rekening mee dat hij met een hakbijl insloeg op het slachtoffer en dat die van geluk mag spreken dat hij niet dodelijk is verwond. De verdachte toonde met zijn daad een ernstig gebrek aan respect voor het menselijk leven. Het zeer gewelddadige karakter van het voorval laat bovendien zien dat de verdachte er niet voor terugschrikt om zwaar geweld tegen anderen te gebruiken. Daarnaast deed het incident zich voor op de openbare weg en zijn er anderen getuige van dit gewelddadige incident geweest. De rechtbank rekent de verdachte dit alles zwaar aan. Ook weegt mee dat hij zijn minderjarige stiefzoon heeft betrokken bij het conflict door hem doelbewust mee te nemen naar de confrontatie met het slachtoffer. De rechtbank koppelt aan de deels voorwaardelijke strafStraf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de officier van justitie bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd. een aantal bijzondere voorwaarden. Zo moet de verdachte zich laten behandelen door de forensische zorg, begeleid gaan wonen en mag hij geen alcohol drinken. Verder moet hij een eerder voorwaardelijk opgelegde celstraf van 60 dagen uitzitten.
Bij de 15-jarige verdachte weegt de rechtbank mee dat hij het delictStrafbaar feit. onder invloed van zijn stiefvader pleegde. Ook is zijn aandeel in het geweld aanzienlijk kleiner dan dat van zijn stiefvader. Volgens de rechtbank is in dit geval daarom hulp en steun aan de jongen nog belangrijker dan afstraffen. Hij krijgt een geheel voorwaardelijke werkstrafOnbetaalde arbeid die de strafrechter oplegt in plaats van een gevangenisstraf. Het werk wordt meestal verricht in ziekenhuizen, bejaardencentra, kinderboerderijen, sportclubs, gemeenten en dergelijke. onder de voorwaarden dat hij toezicht en begeleiding van de jeugdreclassering opvolgt. Ook moet hij deelnemen aan dagbesteding.
De verwijzing naar de uitspraak volgt zo spoedig mogelijk.