Helmonder veroordeeld voor mishandeling ex-vriendin
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. ging in september 2017 naar de woning van zijn ex-vriendin in Helmond en kreeg ruzie met haar. Hij kneep haar keel dicht en sloeg haar in het gezicht. De politie was gewaarschuwd door omstanders die het slachtoffer om hulp hoorden roepen. Agenten hielden de verdachte vervolgens aan.

De politierechterAlleensprekende rechter van de rechtbank in strafzaken die niet zo ingewikkeld zijn en waarin niet meer dan één jaar gevangenisstraf wordt geëist. acht niet bewezen, zoals door de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. ten laste was gelegd, dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan een poging tot zware mishandeling. Daarvoor is onvoldoende bewijs. De verdachte bekende weliswaar dat hij de keel van zijn ex-vriendin heeft dichtgeknepen, maar stelt haar niet te hebben willen wurgen. Omdat de rechter uit de verklaringen van de verdachte en het slachtoffer niet precies kan afleiden wat er zich in de woning heeft afgespeeld, spreekt hij de verdachte vrij van een poging tot zware mishandeling en veroordeeld hem voor mishandeling.
Bij het bepalen van de straf weegt de rechter mee dat de verdachte meerdere keren is veroordeeld, waaronder voor huiselijk geweld. De politierechter betrekt verder bij zijn oordeel dat de verdachte volgens gedragsdeskundigen verminderd toerekeningsvatbaar is vanwege een antisociale persoonlijkheidsstoornis met narcistische trekken. De verdachte is momenteel onder behandeling voor zijn problematiek. De rechter wil die behandeling niet doorbreken met een onvoorwaardelijke celstraf. Daarom legt hij een deels voorwaardelijke strafStraf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de officier van justitie bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd. op en is het onvoorwaardelijke deel (10 dagen) gelijk aan het voorarrest. Dit betekent dat de verdachte niet terug hoeft naar de cel. Wel koppelt de rechter aan de voorwaardelijke straf een proeftijd van 3 jaar om hem ervan te weerhouden opnieuw de fout in te gaan.