Man uit Oss krijgt maximale taakstraf voor bezit ruim 4.000 hennepplanten
De politie trof in april vorig jaar een hennepkwekerij aan in een oude varkensstal op een verlaten perceel van de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. in Uden. De politie kwam deze kwekerij op het spoor na een tip van energieleverancier Enexis.
Volgens het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. was de eigenaar van de schuur schuldig aan medeplegen van het kweken van hennep en diefstal van stroom. De rechtbank oordeelt dat het niet anders kan zijn dan dat de verdachte op de hoogte was van de aanwezigheid van de hennepkwekerij in zijn schuur. Enkele uren nadat een controleur van Enexis zijn komst aankondigde, bleek namelijk dat er een afschakeling van de stroom plaatsvond, die eindigde toen de controle voorbij was. Dit gegeven, in combinatie met het feit dat de verdachte als eigenaar verantwoordelijk is voor de inhoud van zijn pand en ook feitelijk toegang had tot de schuur, brengt de rechtbank tot het oordeel dat hij de hennepplanten in bezit had. Voor betrokkenheid als medepleger bij het telen van de hennepplanten is onvoldoende bewijs. Volgens de rechtbank blijkt uit het dossier evenmin dat de verdachte enig aandeel had in de diefstal van stroom. Hij wordt dan ook vrijgesproken van deze feiten.
De officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. vorderde naast een celstraf een ontneming van 364.530,18 euro aan wederrechtelijk verkregen voordeel. Deze vordering is echter gebaseerd op de aanname dat de verdachte de hennepplanten teelde én dat er eerder is geoogst. De rechtbank wijst de vordering af omdat de verdachte uitsluitend veroordeeld is voor het bezit van de aangetroffen hennepplanten en er dus geen sprake is van wederrechtelijk verkregen voordeel.