Man vrijgesproken van verkrachting in Asten
De vrouw deed aangifte van verkrachting op 14 oktober vorig jaar in Asten. De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. erkende dat hij seksueel contact had met de vrouw, maar volgens hem gebeurde dit vrijwillig en was er geen sprake van dwang.
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat er geen bewijs is dat het seksuele contact gepaard ging met dwang. Volgens de vrouw werd ze in haar bed wakker, lag de man toen op haar en had hij vervolgens seks met haar. Dit duurde zo’n 15 minuten voordat de vrouw schreeuwde dat de man moest stoppen, wat hij toen onmiddellijk deed. Uit het dossier blijkt niet dat de vrouw zich fysiek heeft verzet, waardoor de man kon denken dat zij instemde met het seksuele contact. De rechtbank oordeelt daarom dat er geen sprake is van dwang, zodat het tenlastegelegde delict niet kan worden bewezen.