Medewerker PI Vught vrijgesproken van verduistering
Volgens het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. verduisterde de man vanuit zijn functie bij de PI Vught een hogedrukreiniger, 2 portofoons en geld voor fotocamera’s. Daarnaast verdenkt de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. de man van toe-eigening van een stuk hekwerk van zo’n 40 meter.
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat de verklaringen van getuigen over de weggenomen portofoons wisselend en op onderdelen tegenstrijdig zijn. Hoewel er aanwijzingen zijn dat de verdachte de portofoons heeft verduisterd, ontbreekt overtuigend bewijs.
Om de man te kunnen veroordelen voor de tenlastegelegde verduistering van de hogedrukreiniger, zou hij dit voorwerp volgens de wet ‘anders dan door een misdrijfZwaar strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel in eerste aanleg berecht door de kantonrechter, misdrijven door de afdeling strafrecht van de rechtbank.’ in bezit moeten hebben gehad. Hiervoor is echter geen bewijs, zo oordeelt de rechtbank.
Ook voor wat betreft de beschuldiging dat de man met geld van de PI fotocamera’s heeft aangeschaft voor privégebruik, kan de rechtbank niet komen tot een veroordeling voor verduistering. Uit niets blijkt dat de man het desbetreffende geld op enig moment in bezit had. Dat de man de PI mogelijk heeft bewogen tot aanschaf van de camera’s levert wettelijk gezien geen verduistering op van het geld waarmee de camera’s zouden zijn aangeschaft.
En de rechtbank is gebonden aan de tenlasteleggingDeel van de dagvaarding in strafzaken waarin staat waar het Openbaar Ministerie de verdachte van beschuldigt. zoals de officier van justitie die heeft opgesteld.
De rechtbank oordeelt dat er ook geen bewijzen zijn dat de man zich het hekwerk heeft toegeëigend. Het hekwerk is namelijk door een ander opgehaald. De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft geen wegnemingshandeling verricht. Hij is zelfs niet aanwezig geweest bij het ophalen. Daarnaast bleek dat de man toestemming had om ten minste een deel van het hekwerk mee te nemen. Over de reikwijdte van die toestemming verklaren de diverse betrokkenen echter wisselend en niet concreet. De rechtbank kan daarom niet uitsluiten dat de man toestemming had om, zoals hij zelf zegt, het hele hekwerk mee te nemen.