Twee jaar celstraf voor opzetten drugslab en drugsbezit
Op 28 april 2014 trof de politie in een loods in Uden een drugslaboratorium en de lichamen van twee overleden personen aan. Deze personen waren bezig geweest om drugs te produceren, maar overleden daarbij door vergiftiging.
De 37-jarige man had in maart en april 2014 samen met een van de slachtoffers een laboratorium opgezet waar amfetamine kon worden geproduceerd. De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. ontkent dit. Tijdens het onderzoek naar dit laboratorium werd later in de woning van de verdachte een blok hasjiesj van ruim 72 gram aangetroffen.
Vrijspraak
Volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is er onvoldoende bewijs dat de verdachte ook synthetische drugs zou hebben geproduceerd. Hij wordt daarom vrijgesproken van het medeplegen van de productie van drugs.
Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank er onder meer rekening mee dat het illegaal produceren van synthetische drugs grote gezondheidsrisico’s met zich meebrengt, zowel voor de producenten als voor de gebruikers van deze drugs. Het overlijden van de twee personen bevestigt deze risico’s. Daarnaast levert het productieproces van synthetische drugs schade aan het milieu op, met name door de vaak illegale wijze waarop de afvalstoffen die bij dit proces vrijkomen, in de natuur worden gedumpt.
De burgemeester van Uden sloot de loods waarin het laboratorium gevestigd was eerder voor een jaar.