Varkensbedrijf in Lage Mierde hoeft niet te stalderen
De gemeente weigerde 3 oktober vorig jaar een vergunning te verlenen voor uitbreiding van de varkensstal. Het bedrijf stelde hiertegen beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. in. In januari jl. deed de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. een mondelinge tussenuitspraakUitspraak waarbij de rechter geen eindbeslissing geeft, maar bijvoorbeeld een bewijsopdracht of onderzoek beveelt waarvan de beslissing van de zaak afhankelijk kan zijn (Ook wel interlocutoir vonnis genoemd).. De gemeente moest - kort gezegd - alle weigeringsgronden noemen en motiveren. De rechtbank stelde de provincie Noord-Brabant intussen vragen over deze kwestie, omdat bleek dat de gemeente de vergunning weigerde op basis van de verordening ruimte van de provincie.

Maatregelen provincie voor sterke veehouderijsector
Volgens het varkensbedrijf mocht de gemeente niet toetsen aan die Verordening ruimte Noord-Brabant. In de verordening is een zogeheten stalderingseis opgenomen. Dit is een pakket aan maatregelen van de provincie om een sterke veehouderijsector te waarborgen. Kort gezegd betekent dit dat voor iedere uitbreiding van stalruimte elders een stal moet worden gesloopt of worden herbestemd. Dit heet stalderen. Daarom heeft de provincie in haar verordening onder meer opgenomen dat alle Brabantse gemeenten verplicht zijn die eisStrafrecht: Straf die de verdachte volgens de officier van justitie zou moeten krijgen. Civiel recht: wat iemand in een rechtszaak eist van de tegenpartij. op te nemen in bestemmingsplannen. Daarnaast geldt de eis voor de gemeenten bij het verlenen van vergunningen voor het bouwen van een dierenverblijf.
Oordeel rechtbank
Volgens de rechtbank kan de provincie de zogeheten stalderingseis in haar verordening vaststellen. De rechtbank ziet echter wel een aantal gebreken in de totstandkoming en uitwerking van de eis. Door deze gebreken dreigt de eis voor een deel van de veehouders verkeerd uit te pakken. Het gaat de rechtbank echter te ver de eis in de verordening helemaal onverbindend te verklaren, zoals het bedrijf in Lage Mierde wil.
Wel oordeelt de rechtbank dat de eis niet altijd mag worden meegenomen in de afweging voor het verlenen van een vergunning. Dat geldt in ieder geval voor veehouderijen met een bouwperceel van maximaal 1,5 hectare die hun aanvraag deden vóór de inwerkingtreding van de verordening (13 juli 2017), zoals voor het bedrijf in Lage Mierde. De rechtbank laat zich in deze uitspraak niet uit over aanvragen die zijn ingediend na vaststelling van de verordening.
Al met al betekent deze uitspraak dat de gemeente de aanvraag van de veehouder uit Lage Mierde niet had mogen weigeren vanwege de stalderingseis.