Geen verschoningsrecht voor ouderlingen Jehovah’s Getuigen

Onderzoek naar seksueel kindermisbruik
Het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. verrichtte in november 2018 doorzoekingen bij het hoofdkantoor van de Christelijke Gemeente van de Jehovah’s Getuigen in Nederland, de woningen van een aantal klagers en de Koninkrijkszalen in Assen en Dordrecht. Het OM zocht naar documenten van rechterlijke comités die de Jehova’s vormen als er een lid beschuldigd wordt van seksueel kindermisbruik.
De ouderlingen in deze klachtprocedure zijn geen verdachten in die strafrechtelijk onderzoeken, maar maakten mogelijk deel uit van de rechterlijk comités of ze wisten waar de samenvattingen van de comités waren opgeslagen.
Geen geheimhoudingsplicht
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat de ouderlingen en de Jehovah’s Getuigen geen beroep kunnen doen op het verschoningsrechtHet recht dat een getuige op grond van zijn familierelatie met de verdachte of op grond van zijn beroep heeft om vragen van de rechter onbeantwoord te laten. Een getuige mag zich ook verschonen van het geven van een antwoord als hij zichzelf daardoor zou belasten.. Er is in dit geval geen sprake van een geheimhoudingsplicht die hoort bij de vertrouwensrelatie die geestelijke zorg- en hulpverleners hebben met de hulpvrager.
De informatie die binnen het rechterlijk comité wordt gedeeld, wordt niet aan de ouderlingen toevertrouwd in hun rol als hulpverlener, maar in hun rol als lid van het rechterlijk comité. Bij het melden van seksueel misbruik binnen de Jehovah’s Getuigen zijn ouderlingen, onafhankelijk van de vraag wie die melding maakt, dus geen geestelijk verzorgers die aan anderen hulp verlenen.
Bovendien kan niet worden gezegd dat de geheimen die hulpzoekenden aan de ouderlingen toevertrouwen niet met anderen binnen de gemeenschap worden gedeeld. De geheimhoudingsplicht van een ouderling is niet absoluut, zo blijkt ook uit de statuten van het kerkgenootschap.