2,5 jaar celstraf voor voormalig topman RDM
Omkoping
Van den N. is schuldig verklaard aan omkoping van het toenmalig hoofd van het Rotterdamse Havenbedrijf. Hij heeft in de jaren 2001/2002 aan hem een appartement in Antwerpen in gebruik gegeven zonder daar huur voor te vragen. Verder heeft hij drie maal geld - tot een totaalbedrag van 1,2 miljoen euro - overgemaakt naar een geheime Zwitserse privérekening van het toenmalig hoofd van het Rotterdamse Havenbedrijf.
Voorkeursbehandeling
Door deze omkoping is het toenmalig hoofd van het Rotterdamse Havenbedrijf ertoe gebracht aan het RDM-concern een voorkeursbehandeling te geven. Dit gebeurde in verschillende opzichten, waarbij het meest in het oog springt dat hij voor een totaal van meer dan 100 miljoen euro namens het Havenbedrijf garanties heeft afgegeven op geldleningen van RDM-vennootschappen. Het toenmalig hoofd van het Rotterdamse Havenbedrijf is inmiddels door de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. veroordeeld voor omkoping; zijn zaak loopt nog in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter..
Vrijspraak
Van den N. is vrijgesproken van het opstellen van valse raamovereenkomsten. In deze raamovereenkomsten is de bereidheid vastgelegd van het toenmalig hoofd van het Rotterdamse Havenbedrijf om Van den N. te compenserenVerrekening van de proceskosten. voor het afzien van de levering van onderzeeboten aan Taiwan. Ze vormden de basis voor de garanties die S. heeft afgegeven. De rechtbank acht niet bewezen dat de overeenkomsten vals zijn.
Patroon
Bij de faillissementsfraude is volgens de rechtbank een zeker patroon te herkennen. Bij vennootschappen die in zwaar weer terecht waren gekomen, werden op een geraffineerde manier vorderingen op Van den N. zelf of op andere vennootschappen van het RDM-concern weggewerkt. Onder het mom van verstandige, zakelijk verantwoorde transacties werden aanzienlijke geldbedragen in veiligheid gebracht en onttrokken aan verhaal door schuldeisers. Het gaat daarbij om tientallen miljoenen euro’s. Bij een van de vennootschappen gebeurde dit door voor hoge bedragen goederen aan te kopen van een ander RDM-bedrijf. In de andere twee gevallen werden omvangrijke vorderingen op andere RDM-bedrijven of op Van den N. zelf voor een bedrag van 1 euro verkocht aan een ander bedrijf van Van den N.
Meineed
De valsheid in geschrift ziet op het achteraf, na faillissement, opmaken van een koopovereenkomst met een onjuiste datering en inhoud. Bij de rechter-commissaris in het faillissement heeft Van den N. daarover onder ede een valse verklaring afgelegd; dat is meineedValse eed. Getuigen die opzettelijk niet de waarheid spreken bij de rechter, maken zich schuldig aan meineed..
Vals paspoort
Bij het valse paspoort gaat het om een diplomatiek paspoort dat door de autoriteiten van de Comoren aan Van den N. was verstrekt. Op dit paspoort was de expiratiedatum met pen veranderd van 2006 in 2008. De rechtbank acht het verweerDe verdediging tegen vorderingen van de eiser of tegen de verzoeken van de verzoeker in een gerechtelijke procedure. van Van den N. dat hij niet van deze vervalsing wist ongeloofwaardig.
Ernstige feiten
De rechtbank is van oordeel dat de bewezen feiten zo ernstig zijn dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf nodig is. Bij het bepalen van de duur van die gevangenisstraf heeft de rechtbank rekening gehouden met de zeer lange duur van het strafonderzoek, met het feit dat Van den N. een blanco strafbladVermelding in het strafregister dat aantekeningen bevat over de keren dat iemand in het verleden verdacht werd van strafbare feiten (met name misdrijven) en over de afloop daarvan (sepot, vrijspraak, veroordeling). had en met straffen die in vergelijkbare zaken zijn opgelegd.
Medeverdachten
De twee medeverdachten van Van den N, een directeur en een controller van een gefailleerde vennootschap uit het RDM-concern, zijn veroordeeld tot vier maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en een taakstrafWerkstraf van 240 uur, respectievelijk één maand voorwaardelijke gevangenisstraf. Beiden zijn schuldig bevonden aan valsheid in geschrift, de directeur daarnaast ook nog aan faillissementsfraude.