Rotterdam|

6 maanden cel voor betalingen aan terroristische organisatie

 Een vrouw die verdacht wordt van het overmaken van geldbedragen aan een terroristische organisatie heeft 6 maanden cel opgelegd gekregen. Het geld is overgemaakt naar de Islamic Jihad Union (ook wel Islamic Jihad Group). Deze organisatie is als terroristische organisatie aangemerkt. Volgens de rechtbank heeft verdachte kunnen weten dat haar betalingen bestemd waren om de gewapende jihad te ondersteunen. De verdachte heeft hiermee nationale en internationale wetten overtreden.

De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. acht niet bewezen dat de verdachte, door het doen van de betalingen, zelf heeft willen deelnemen aan een terroristische organisatie. Ook is niet aangetoond dat verdachte zelf lid is (geweest) van een verboden terroristische organisatie. Zij heeft een relatie gehad met een man die lid is van een dergelijke organisatie. Dit maakt haar volgens de rechtbank niet automatisch zelf een terrorist.
 
Verder zijn bij de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. videobestanden en documenten aangetroffen die betrekking hebben op de gewapende jihad. De rechtbank leidt hier niet uit af dat de verdachte deze bestanden en documenten heeft bekeken met een terroristisch oogmerk.