Beslissingen op onderzoekwensen in strafzaak Sartell
Franse Staatsgeheimen

In deze machtiging is getoetst en (onder meer) bepaald aan welke voorwaarden dient te worden voldaan voordat informatie over Encrochat-gebruikers mocht worden gedeeld met andere strafrechtelijke onderzoeken. Deze machtiging is gevraagd en bij beschikking1. In het bestuursrecht: Een beslissing van een overheidsorgaan in een concreet geval, bijvoorbeeld het verlenen van een bouwvergunning. 2. In het civiele recht: een rechterlijke uitspraak in een procedure die begint met een verzoekschrift. Een uitspraak in een procedure die begint met een dagvaarding, heet een vonnis. van 27 maart 2020 verleend in het onderzoek 26Lemont.
Door het OM is besloten is besloten om, omwille van het respecteren van het staatsgeheim van Frankrijk, bepaalde passages in de beschikking die betrekking hebben op de wijze van binnendringen door Frankrijk en de doorwerking daarvan, zwart te maken.
Vertrouwensbeginsel
De Franse rechter heeft, zo blijkt, toestemming gegeven voor de inzet van de door de Franse autoriteiten ingezette interceptietool, waarvan de werking deze Franse rechter en autoriteiten bekend moet zijn geweest. Met deze interceptietool is data over Encrochat-gebruikers verkregen.
De Franse rechter heeft getoetst aan het Frans strafvorderlijk kader en is net als de Nederlandse rechter gehouden zich ervan te verzekeren dat de rechten zoals opgenomen in het EVRM gewaarborgd zijn. De Franse rechter heeft de inzet van de interceptietool toelaatbaar geacht.
Het interstatelijk vertrouwensbeginselAlgemeen beginsel van behoorlijk bestuur dat voorschrijft dat particulieren en organisaties erop moeten kunnen vertrouwen, dat een bepaalde toezegging van een bestuursorgaan ook nagekomen wordt of een wettelijke bepaling wordt nageleefd. brengt mee dat de Nederlandse rechter de rechtmatigheid van een onder verantwoordelijkheid van de Franse autoriteiten uitgevoerde opsporingsactiviteit waarvoor de Franse rechter uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven, niet toetst.
De Nederlandse rechter dient er op te vertrouwen dat de Franse rechter het nationale en internationale recht heeft toegepast. De Nederlandse strafrechter dient wel te waarborgen dat de wijze waarop van de resultaten van dit buitenlandse onderzoek in de strafzaak gebruik wordt gemaakt, geen inbreuk maakt op zijn recht op een eerlijk proces, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het EVRM.
Grensoverschrijdende communicatiesystemen
Het is niet ondenkbaar dat de werking en/of het bereik van de interceptietool niet beperkt is gebleven tot Frans grondgebied, hetgeen vrijwel inherent is aan onderzoek in grensoverschrijdende communicatiesystemen. Dit maakt evenwel niet dat daarom van bovengenoemd vertrouwensbeginsel moet worden afgeweken.
Slechts in uitzonderlijke omstandigheden zou dit aan de orde kunnen komen, bijvoorbeeld indien zou blijken dat de inzet van deze interceptietool niet slechts onder verantwoordelijkheid van de Franse maar ook onder die van de Nederlandse autoriteiten zou hebben plaatsgevonden. Vooralsnog is dat echter niet gebleken.
Processtuk?
De ongeschoonde machtiging is geen processtuk. Toen de vorige samenstelling abusievelijk kennis had genomen van die machtiging hebben de rechters zich onmiddellijk verschoond en geen beslissingen meer in deze zaak genomen. De huidige samenstelling van de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. draagt geen kennis van die ongeschoonde machtiging, zodat de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is., de verdediging én de rechters over hetzelfde dossier beschikken.