Last onder dwangsom Apple gedeeltelijk geschorst
Voorwaarden datingapps iOS

De zaak gaat over de voorwaarden die Apple aan datingappaanbieders oplegt als zij in hun apps digitale content willen verkopen (zoals ‘superlikes’ en ‘boosts’). Die voorwaarden houden onder meer in dat betalingen van consumenten moeten worden gedaan aan Apple als zogenoemde commissionair van de datingappaanbieders met gebruikmaking van bepaalde software (de IAP-API) die Apple in haar besturingssysteem iOS heeft ingebouwd. De datingappaanbieders mogen geen gebruik maken van een andere betaalafwikkelmethode en mogen in hun apps ook niet verwijzen naar een andere wijze van betalen.
Geen directe klantrelatie
Volgens de ACM is dit erg nadelig voor de datingappaanbieders omdat er geen directe klantrelatie tussen hen en de consument ontstaat, maar tussen Apple en de consument. De datingappaanbieders worden daardoor belemmerd in hun contact met de consument waardoor zij bijvoorbeeld vragen van consumenten over facturen niet kunnen beantwoorden en consumenten bij opzegging van abonnementen die zij bij de datingappaanbieders afsloten niet alleen bij de datingappaanbieders moeten opzeggen maar, zonder dat zij daar bedacht op zijn, ook bij Apple. Doordat de datingappaanbieders niet over de betaalinformatie van de consument beschikken, worden zij volgens de ACM verder beperkt in hun mogelijkheden van fraudebestrijding en het verhogen van de veiligheid van hun apps.
Machtsmisbruik
De ACM vindt dat Apple met deze voorwaarden misbruik maakt van haar economische machtspositie op de markt voor appstorediensten voor datingappaanbieders. Volgens de ACM kunnen datingappaanbieders er eigenlijk niet voor kiezen om hun apps niet in de App Store van Apple aan te bieden. Dan zouden gebruikers van die apps op smartphones van andere merken immers geen ‘datingmatch’ met de aanzienlijke groep gebruikers van Apple smartphones kunnen bereiken, waardoor het gebruik van die apps voor consumenten minder interessant wordt. Ook hebben datingappaanbieders volgens de ACM geen reële mogelijkheid om hun diensten niet meer via apps aan te bieden of om te stoppen met de verkoop van digitale content en inkomsten te verwerven uit advertenties in de apps. De datingappaanbieders kunnen daarom niet anders dan deze voor hen nadelige voorwaarden accepteren. Daarom en omdat de voorwaarden niet onmisbaar voor Apple zijn, zijn die voorwaarden volgens de ACM ten opzichte van datingappaanbieders oneerlijk en daarmee in strijd met artikel 24 van de Mededingingswet en artikel 102, onder a, van het Verdrag betreffende Werking van de Europese Unie. Apple mag die voorwaarden daarom niet meer voor datingappaanbieders gebruiken. Zij heeft van de ACM een termijn gekregen waarbinnen zij de overtredingLicht strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel berecht door de sector kanton van de rechtbank, misdrijven door de strafsector van de rechtbank. moet beëindigen en als zij dat niet doet moet zij dwangsommen betalen.
Oordeel
De voorzieningenrechter volgt het standpunt van de ACM wat betreft dit deel van de voorwaarden. De argumenten van Apple dat zij geen economische machtpositie zou hebben en dat de voorwaarden wel noodzakelijk zijn, slagen niet. Daarbij weegt onder meer mee dat Apple de voorwaarden niet stelt aan aanbieders van apps die goederen of diensten in hun apps verkopen en ook niet in het kader van het Video Partner Program van Apple.
Gevolgen
De uitspraak betekent dat Apple het moet toestaan dat datingappaanbieders voor hun datingapp die zij in de Nederlandse Store Front van de App Store aanbieden of willen aanbieden zelf een keuze kunnen maken door welke partij zij betalingen laten afwikkelen voor binnen de app verkochte digitale content en diensten en dat die datingappaanbieders voor aankopen binnen de app mogen verwijzen naar betaalsystemen buiten de app. Omdat een deel van de last wordt geschorst, verlaagt de voorzieningenrechter de hoogte van de dwangsomBedrag dat iemand moet betalen als hij niet voldoet aan een verplichting die hem door de rechter is opgelegd. In het bestuursrecht is het een bedrag dat iemand moet betalen als niet voldaan wordt aan de last die door een bestuursorgaan is opgelegd. die Apple zou moeten betalen als zij de overtreding niet tijdig beëindigt. In verband met de feestdagen heeft de voorzieningenrechter bepaald dat Apple tot 15 januari 2022 heeft om de overtreding te beëindigen zonder dwangsommen te verbeuren.
Bijgevoegd vonnisEen uitspraak in een procedure die begint met een dagvaarding. is een uittreksel uit de uitspraak.