Maximale taakstraf, voorwaardelijke celstraf en 3 jaar ontzegging rijbevoegdheid voor veroorzaken dodelijk verkeersongeval
Gebeurtenissen
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. reed op het moment van het ongeval 105 km per uur, waar de toegestane snelheid 50 km is. Hij heeft niet gelet op de (brom)fietsersoversteekplaatsen op de Newtonweg, die zijn aangegeven met waarschuwingsborden en wegmarkeringen. Hij paste zijn snelheid niet aan en is in botsing gekomen met het slachtoffer, dat aan de gevolgen van het verkeersongeval is overleden. De man is schuldig aan het ontstaan van het ongeval en daarmee aan de dood van de zestienjarige jongen.
Blijvend leed
De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is zich ervan bewust dat de dood van de jongen voor onbeschrijflijk en blijvend leed zorgt bij de nabestaanden, dat niet kan worden weggenomen of verzacht. De verdachte heeft spijt betoond en gezegd dat hij zal moeten leven met de gedachte dat door zijn schuld de jongen het leven heeft verloren. Op zijn verzoek is er een gesprek geweest met de moeder van het slachtoffer.
Houding van de verdachte
De houding van de verdachte maakt dat het risico op herhaling van zijn fatale verkeersgedrag laag is. De rechtbank acht, naast de taakstrafWerkstraf en de ontzegging van de rijbevoegdheid, een voorwaardelijke celstraf nodig om de verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen.