Nieuwe beslissing over omgevingsvergunning
Bestemmingsplan

Eiseres heeft bij de Afdeling bestuursrechtspraakRechtspraak die zich bezighoudt met geschillen over besluiten van een bestuursorgaan. De geschillen kunnen zich zowel tussen particulieren, organisaties en bestuursorganen als tussen bestuursorganen onderling afspelen. Bestuursrecht is de moderne benaming voor wat vroeger administratief recht heette. van de Raad van State (de Afdeling) tegen het bestemmingsplan dat ten grondslag ligt aan deze vergunning beroep ingesteld en een verzoek om voorlopige voorzieningEen voorlopige beslissing in spoedeisende zaken die gezien kan worden als tijdelijke regeling tot de eindbeslissing er is. ingediend. Het eerdere bestemmingsplan dat deze ontwikkeling mogelijk maakte is eveneens vernietigd, in verband met de specifieke bedrijfsvoering van het bedrijf van eiseres in relatie tot het vereiste woon- en leefklimaat in de nieuwe woningen.
Omgevingsvergunning
Vergunninghouder wil een woning bouwen op een perceel gelegen achter het bedrijf van eiseres. Eiseres heeft bezwaarProtest van een particulier of organisatie tegen bepaald overheidshandelen. gemaakt tegen de verleende omgevingsvergunning, maar haar bezwaar is niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. verklaard omdat het bezwaarschrift te laat was ingediend (het bestreden besluit). Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld en heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter heeft na afloop van de zitting aanleiding gezien om direct te beslissen op het beroep van eiseres. Deze uitspraak gaat over de vraag of het bezwaar van eiseres terecht niet-ontvankelijk is verklaard. De voorzieningenrechter stelt allereerst vast dat het primaire besluit dateert van 28 november 2022 en het bestreden besluit van 26 oktober 2023, zodat de Wet elektronische publicaties van toepassing is.
Publicatie
Nu van het primaire besluit mededeling is gedaan in het Gemeenteblad van de gemeente Lansingerland, heeft verweerderIn civiel of bestuursrecht: de tegenpartij van de verzoeker of eiser. voldaan aan zijn verplichting om elektronisch te publiceren. Publicaties in huis-aan-huisbladen zijn toegestaan als aanvullende service. Voorts is de voorzieningenrechter van oordeel dat geen sprake is geweest van een toereikende publicatie, omdat het college in de publicatie onvoldoende duidelijk heeft gemaakt voor welke locatie de omgevingsvergunning is verleend. Er is daarom sprake van een verschoonbare termijnoverschrijding. De voorzieningenrechter is het eens met eiseres en het beroep is daarom gegrond en het bestreden besluit moet worden vernietigd.
Nieuwe beslissing
Voor het nemen van de nieuwe beslissing op bezwaar merkt de voorzieningenrechter het volgende op. Ten tijde van het nemen van het primaire besluit was het bestemmingsplan “Woningbouw Hoeksekade Noord, deellocatie B 1e herzieningBuitengewoon rechtsmiddel tegen onherroepelijke veroordelingen in strafzaken. Kan bij de Hoge Raad worden aangevraagd wanneer zich een nieuw gegeven (zgn. novum) zich heeft geopenbaard, dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was." (het bestemmingsplan) in werking. Ten tijde van het nemen van de beslissing op bezwaar was het bestemmingsplan echter door de voorzieningenrechter van de Afdeling geschorst. Het bestemmingsplan is op 31 juli 2024 door de Afdeling vernietigd. Dit gegeven dient het college bij het nemen van de nieuwe beslissing op bezwaar als uitgangspunt te nemen.
De voorzieningenrechter wijst op de uitspraak van de Afdeling van 21 december 1999 (ECLI:NL:RVS:1999:AA4296), de zogenoemde Tegelen-jurisprudentie. In deze uitspraak heeft de Afdeling geoordeeld dat indien het besluit op bezwaar inzake de bouwvergunning onder vigeur van het nieuwe bestemmingsplan is genomen, omdat dat plan ten tijde van het nemen van het besluit op bezwaar in werking was, de bestuursrechter bij de toetsing van het besluit op bezwaar dient uit te gaan van het nieuwe plan, ook indien dat plan na het nemen van het besluit op bezwaar is vernietigd.
In dit geval heeft eiseres zowel een bezwaarschrift ingediend tegen de omgevingsvergunning, als een verzoek om schorsing van het bestemmingsplan bij de voorzieningenrechter van de Afdeling ingediend, wat ertoe heeft geleid dat het bestemmingsplan is geschorst voordat het besluit op bezwaar was genomen. In dat geval geldt dat bij het nemen van een besluit op bezwaar het oude bestemmingsplan als toetsingskader geldt.
Het college heeft dat niet onderkend. Voor de beslissing op bezwaar die na de vernietiging van het bestemmingplan wordt genomen geldt dat het bouwplan (alsnog) moet worden getoetst aan het oude plan. De voorzieningenrechter geeft verweerder in overweging om de uitspraak van de Afdeling over het bestemmingsplan mee te nemen in zijn overwegingen bij de nieuwe beslissing op bezwaar.
Voorlopige voorziening
Omdat het primaire besluit door vernietiging van het bestreden besluit herleeft, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen die ertoe strekt dat het primaire besluit wordt geschorst tot zes weken na de bekendmaking van het nieuwe besluit op bezwaar. Gelet hierop zal het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat eiseres daarbij geen belang (meer) heeft.