Dordrecht|

Vijf jaar cel en maximale rijontzegging voor doodrijden twee vrouwen

De rechtbank Rotterdam veroordeelt een 25-jarige man tot een gevangenisstraf van vijf jaar en een rijontzegging van tien jaar. De man reed op 6 mei 2022 twee vrouwen dood in Alblasserdam. Hij wordt veroordeeld voor zijn roekeloze rijgedrag. Hij wordt wel vrijgesproken van doodslag.De man reed op 6 mei 2022 met een snelheid van minimaal 81 kilometer per uur, terwijl daar een maximumsnelheid gold van 30 kilometer per uur vanwege werkzaamheden, door rood. Het verkeerslicht stond op dat moment al 174 seconden op rood. Hij botste daarna op de snorfiets waarop de slachtoffers zaten. Zij overleden als gevolg van deze botsing.

Geen doodslag

De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. gaat niet mee in de eis van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. dat hier sprake is van doodslag. De man had niet het oogmerk om iemand om het leven te brengen. Ook van voorwaardelijk opzet is geen sprake. Het gaat er dan om of de man wist dat er een aanmerkelijke kans op een bepaald gevolg, het overlijden van de slachtoffers, was én deze heeft aanvaard

De rechtbank is van oordeel dat de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. met zijn rijgedrag een onaanvaardbaar risico voor de verkeersveiligheid heeft genomen, waarbij dit heeft geleid tot het tragische overlijden van twee jonge vrouwen. Dat betekent echter niet dat hij het risico van zijn rijgedrag ook bewust heeft aanvaard.

Van degene die weet heeft van de aanmerkelijke kans op het gevolg, maar die er (lichtvaardig) van is uitgegaan dat het gevolg niet zal intreden, kan wel worden gezegd dat hij met (grove) onachtzaamheid heeft gehandeld, en dus schuld heeft aan het ongeval, maar niet dat zijn opzet in voorwaardelijke vorm op dat gevolg gericht is geweest.

 Uit de verklaringen van de verdachte en van verschillende getuigen komt naar voren dat de verkeerssituatie op het moment van de aanrijding rustig was. Er waren geen bijzondere omstandigheden waardoor hij werd afgeleid en dat hij de snorfiets niet meer kon ontwijken toen hij er met de rechterzijde van de auto tegenaan botste. 

Ook heeft hij gelijk na het ongeluk zijn auto stilgezet, de hulpdiensten gebeld en getracht eerste hulp te verlenen aan de slachtoffers. De rechtbank acht het, gelet op deze omstandigheden, aannemelijk dat de verdachte zijn stuurmanskunst heeft overschat en ervan uitging dat hij met zijn rijgedrag geen (dodelijke) ongelukken zou veroorzaken.

Straf

De verdachte is niet eerder veroordeeld voor vergelijkbare misdrijven, maar zijn verkeersgedrag is zeer problematisch te noemen. Het gaat hierbij niet alleen om snelheids­overtredingen, maar ook om het rijden over een vluchtstrook, het rijden door een rood verkeerslicht, het vasthouden van een telefoon tijdens het besturen van een voertuig, het niet voor laten gaan van voetgangers bij een oversteekplaats en het negeren van een rood kruis op de snelweg. 

Gezien de ernst van het feit kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf van aanzienlijke duur en een langdurige ontzegging van de rijbevoegdheid.

De man wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar en een rijontzegging van de maximale duur van tien jaar.